dinsdag 23 december 2008

Kerst

Afgelopen zaterdag begaf ik mij met gevaar voor eigen leven tussen het winkelende kerstpubliek van Nijmegen. Persoonlijk heb ik een bloedhekel aan het kerstfeest. Ik ben geen man voor overdadige versieringen, truttige bloemstukjes of zoetsappige muziek uitgebraakt door overjarige nichten zoals Paul de Leeuw.

Het lijkt soms wel alsof Kerstmis het jaarlijkse excuus is voor mensen met een uitgesproken slechte smaak. Wanneer ik zo’n debiele tuinkabouter met honderden lampjes aan z’n dikke reet parmantig achter een eveneens overdadig verlichte slee zie staan, dan krijg ik een sterke neiging om de rooie puntmuts met een snelkookpan van z’n kop te meppen.

Ik bedoel, we leven toch verdomme niet in Lapland? We hebben hier niet eens sneeuw, laat staan kabouters. De kerstman is niets meer dan een veramerikaniseerde sinterklaas: een ouwe lul in een jurk met fors overgewicht en een luide neplach. Een soort Paul de Leeuw dus, en maar knipogen naar die leuke jongetjes.

En dan die bomen. Ik bedoel, welke psychisch gezonde kerel haalt het in zijn hoofd om een denneboom om te hakken, deze midden in de kamer neer te zetten en te behangen met gouden ballen, kralenkettingen en knipperende lampjes? En niet één keer, nee, er staat er eentje in de tuin, eentje in de kamer en eentje in de keuken. En onder iedere boom resideert het gezinnetje Christus, blij met de geboorte van het ‘Kinneke’ – hoezo truttig? – Jezus. Het is ook niet niks, bevallen in een lege stal zonder vroedvrouw of pijnstilling. Daar kom je zelfs in Nederland niet meer mee weg.

Ik snap best dat de detailhandel in de laatste maand van het jaar nog even de kas wil spekken. Dat zij daarvoor het kerstfeest misbruikt is weinig schokkend – zo zit onze kapitalistische maatschappij nou eenmaal in elkaar. Ik vind het ook prima dat de kerk nog wat zieltjes wil winnen, ook al hadden de oorspronkelijke Germaanse midwinterfeesten geen zak met de geboorte van het kinneke Jezus te maken. Maar voor een antikapitalistische atheïst als ik wordt het zo wel een zware beproeving.

En december is al een donkere maand, de dagen worden korter en de winterdepressie hakt er stevig in. Het is maar goed dat we met kerst twee dagen vrij hebben, dan kan ik even op adem komen. Wie weet, misschien heeft keizer Constantijn kerstmis wel bedacht als een feestje om het volk te behoeden voor collectieve zelfmoord of terreur. Zet de Taliban onder een spar met lampjes en je hebt nergens last meer van.

Maar goed, ieder z’n ding. Terug naar de zaterdagmiddag. Zo goed als mogelijk beschermd tegen de commerciële kerstkitsch slalomde ik door het vretende en rokende Nijmeegse winkelpubliek – de helft in grijze trainingspakken, de andere helft daarover sjagerijnig. De kadootjes waren zo gevonden, nu het afrekenen nog.

“Is het een kado?”

En daar sta je dan, met je kadootje. Want het is een kado, zekers, en het antwoord is dus ‘ja’. Maar voor je het weet wikkelen ze origineel glanzend pakpapier van de winkel om je CD of je boek, zodat iedereen kan zien waar het gekocht is en met hoeveel liefde het is ingepakt.

En dat wil ik helemaal niet! Ik wil mijn kado’s zelf inpakken! Ik wil hetzelfde papier om alle kado’s zodat niemand kan zien waar het gekocht is en ze tenminste nog ergens het idee hebben dat je er daadwerkelijk moeite voor hebt gedaan!

Vraag dan “Zal ik het voor u inpakken?” Maar dat gaat, denk ik, de meeste winkels te ver. Dan is het net alsof de klanten te lui zijn om het zelf in te pakken en het daarom de winkels maar laten doen. Stukje service van de zaak. Volgend jaar stoppen ze er een kalkoen voor in de magnetron bij.

Op “Is het een kado?” antwoordde ik dus, “Ja het is een kado maar ik wil het zelf inpakken,” en aanschouwde de daaropvolgende verwarring. Alleen het meisje van de V&D begreep mijn hint. Met enige voldoening verklapte ze me dat de V&D het vanaf volgend jaar niet meer zal doen, het inpakken voor de klant. In plaats daarvan komt er een tafel naast de kassa met papier, plakband en een schaar. Zoek het lekker zelf maar uit. Ik verheug me nu al op het tafereel.

woensdag 10 december 2008

Mensenrechten

De klad zit erin. In deze blog wel te verstaan. Sinds de uitverkiezing van Obama ziet de wereld er een stuk hoopvoller uit. Er is weliswaar nog evenveel mis als voorheen, maar nu heb ik tenminste het gevoel dat er iemand aan het roer staat die het beste met óns voorheeft, in plaats van met zichzelf.
Ondertussen roert het volk zich als vanouds, opgestookt door wankele economische vooruitzichten en voortschrijdende corruptie. De Grieken laten van zich horen, de Thai gaan massaal op het vliegveld zitten, en zelfs in Amerika wordt gestaakt omdat de afgeknepen banken de industrie niet meer overeind kunnen houden.
Al die mensen maken gebruik van hun rechten en laat het nu toevallig vandaag zijn dat Universele Verklaring van de Rechten van de Mens haar zestigste verjaardag viert.
Opgesteld door de Verenigde Naties - veelal blanke naties groot geworden door uitbuiting en slavenhandel en geschrokken van de gruwelen die twee oorlogen op eigen bodem met zich meebrachten. Maar ongeacht de motieven, het pamflet is een oproep voor een betere toekomst en een appèl aan de menselijke beschaving:

"Whereas recognition of the inherent dignity and of the equal and inalienable rights of all members of the human family is the foundation of freedom, justice and peace in the world,

Whereas disregard and contempt for human rights have resulted in barbarous acts which have outraged the conscience of mankind, and the advent of a world in which human beings shall enjoy freedom of speech and belief and freedom from fear and want has been proclaimed as the highest aspiration of the common people,

Whereas it is essential, if man is not to be compelled to have recourse, as a last resort, to rebellion against tyranny and oppression, that human rights should be protected by the rule of law,"

Dat klinkt goed. Bovendien heeft de VN zich welhaast verplicht om de stelregels zo goed mogelijk te verspreiden:

"Whereas the peoples of the United Nations have in the Charter reaffirmed their faith in fundamental human rights, in the dignity and worth of the human person and in the equal rights of men and women and have determined to promote social progress and better standards of life in larger freedom,

Whereas Member States have pledged themselves to achieve, in co-operation with the United Nations, the promotion of universal respect for and observance of human rights and fundamental freedoms,"

Maar gebeurt dat eigenlijk wel? Als ik al op school, lager of middelbaar, een les over de rechten van de mens heb gehad, dan kan ik me er bitter weinig van herinneren. Iets met vrijheid en gelijkheid, of was dat van die Franse oproerkraaiers?
Wellicht is het een idee om eens wat meer aandacht te besteden aan de Verklaring van de Rechten van de Mens. Op school bijvoorbeeld, zodanig dat de leerlingen de 30 Rechten uit hun hoofd leren kennen. In debat bijvoorbeeld, zodanig dat telkens wanneer een politicus (ik noem geen namen) de rechten schendt door bijvoorbeeld bepaalde mensen het land uit te willen gooien, deze politicus hierop wordt aangesproken en afgerekend. (Article 15: Everyone has the right to a nationality. No one shall be arbitrarily deprived of his nationality nor denied the right to change his nationality.)

Ik bedoel maar.

woensdag 5 november 2008

Obama

Het zijn mooie tijden.

Barack Obama is met een serieuze meerderheid aan kiesmannen tot de nieuwe president van Amerika gekozen. Wat er ook gaat gebeuren in de komende jaren, het zal bijzonder worden.

Zeker voor mensen van mijn generatie. Want ik heb nog nooit een politicus meegemaakt die zulke inspirerende toespraken kan houden als Obama. Ik kende zoiets alleen van zwart-wit filmpjes van doodgeschoten helden van weleer. Nu mag ik het zelf ervaren en het bezorgt me iedere keer weer kippevel. En niet alleen mij.

Hoe het verder ook af zal lopen, of Obama zijn beloftes wel of niet na kan komen, of Obama wel of niet neergeschoten wordt door een gefrustreerde redneck, of Obama zich wel of niet vergrijpt aan een sigaar rokende secretaresse, we zullen het allemaal mee gaan maken.

Maar deze verkiezingen zijn, ongeacht de toekomst, vooral een overwinning voor de democratie. De afgelopen acht jaar zijn een ramp voor Amerika geweest en tien stappen terug voor de wereld. De herverkiezing van Bush van vier jaar geleden, of het nou met of zonder fraude geschiedde, was vooral een demonstratie van de machteloosheid van de democratie tegen allesverslindende multinationals en rijke neoconservatieven. Tegen het extremisme van het geld en het geloof. En dat is nou juist waartegen een democratie bestand zou moeten zijn.

Het kan dus veranderen.

Misschien heeft de neergang van het vrije markt-kapitalisme de basis gelegd voor Obama’s overwinning. In dat geval doet het systeem zichzelf nu ook politiek de das om, waar het eerder op het financiële vlak ineen was gestort.

Hoe is het eigenlijk met de recessie? Vooralsnog zijn het vooral de excessen die worden rechtgetrokken. Zo wordt bijvoorbeeld de balans tussen beloning en prestatie aangepakt en daarmee de waarde van arbeid in ere hersteld.

De huizenmarkt stabiliseert zich. Over een tijdje betaal je voor een huis weer wat het daadwerkelijk waard is, in plaats van wat de markt er voor wil hebben.

De filedruk neemt af (er rijden nu 20% minder vrachtwagens) omdat er minder produkten versleept worden. Dit is ook gunstig voor de fijnstofvervuiling.

De olie wordt nog steeds elke dag goedkoper. Wij blijken in het afgelopen jaar veel te veel betaald te hebben voor onze benzine. Zoveel was de olie feitelijk niet waard – alleen de markt bepaalde de prijs. Shell verdiende een recordwinst.

De bouwsector komt tot rust. Ik las een sprekend voorbeeld in de krant, over een stuk land aan de rand van Berlijn, waar honderden volkstuintjes zouden moeten wijken voor de zoveelste volsterkt overbodige kantoorgebouwen. Maar de opdrachtgever, een Amerikaanse zakenbank, ging op de fles en het project is vooralsnog van de baan. Geen vastgoed meer voor het geld, maar voor de ruimte die nodig is.

En als straks de werkeloosheid stijgt, dan sturen we de Polen gewoon weer naar huis.

Aldus lijken er mooie tijden aan te breken op het groene sociaal-liberale front. Mensen die geld als het grootste goed zien, kunnen maar beter op een cursus 'de waarde van het leven' gaan. Of een speech van Obama lezen, dan kom je al een heel eind in de goede richting.

Een aantal vooraanstaande economen gelooft in het zelfreinigende vermogen van het kapitalistische systeem. Met de verkiezing van Obama heeft het democratische stelsel bewezen ook over dat vermogen te beschikken. Het heeft er alle schijn van dat 2008 het jaar van de grote schoonmaak is.

vrijdag 24 oktober 2008

Hebzucht

HEBZUCHT is het woord dat telkens door mijn hoofd schiet wanneer ik nieuws over de kredietcrisis hoor. HEBZUCHT is een slechte eigenschap van de mens – als je het daar niet mee eens bent moet je nu stoppen met het lezen van deze column. HEBZUCHT, wat is het eigenlijk?

“HEBZUCHT - sterk verlangen alles te willen hebben” (Van Dale online).

Het Engelse woord ‘greed’ klinkt mij veel smeriger en daarom toepasselijker in de oren. De Engelse Wiki zegt dit: Greed is the selfish desire for or pursuit of money, wealth, power, food, or other possessions, especially when this denies the same goods to others. It is generally considered a vice, and is one of the seven deadly sins in Catholicism.

HEBZUCHT wordt dus in de bijbel een zonde genoemd, en wel hierom. Iemand die bezittingen hoger waardeert dan God maakt zich schuldig aan de verering van een afgod, of aan verering van zichzelf als je redeneert dat hebzucht een vorm van zelfverheerlijking is. Aldus een overtreding van regel 1.

Ik neem aan dat die grijze bankmannen met hun waggelende onderkinnen, hun saaie dure brilletjes en hun kreukloze maatpakken van huis uit keurig als christen opgevoed zijn. Zo zien ze er in ieder geval wel uit. Maar achter die façade van religieuze welvaartsbeschaving blijken slimme stoute jongetjes te zitten.

Stoute jongetjes die er een enorme puinhoop van hebben gemaakt. Verdwaald in een doolhof van risicovolle beleggingen, verzopen in een storm van dood kapitaal. Je zou haast denken dat deze mannen hun riante jaarsalarissen, aandelenpakketten en miljoenenbonussen niet waard waren.

Want hoe zat dat ook maar weer? Stellen wij linkse socialisten de excessieve beloningscultuur niet al jaren aan de kaak? Werden wij niet weggehoond door de liberale voorvechters van de vrije markt? Nee, die topmannen zouden voor een schijntje niet in Nederland willen werken, riepen ze in koor. Je moest marktconform belonen, anders verloor je je concurrentiepositie.

Helaas. Deze zogenaamde topbestuurders hadden vooral een snelle opwaardering van de koers van hun aandelen op de agenda staan. Zodat ze in een paar jaar tijd tientallen miljoenen euro’s konden binnenhalen, om daarna op te stappen– met een marktconforme oprotpremie – en elders dezelfde truc nogmaals uit te halen.

Deze mannen kennen geen scrupules. Vandaag lekte uit (nu.nl) dat de baas van Fortis, de eerste die ontslagen werd vanwege de crisis, een beloning van vier miljoen euro mee heeft gekregen. Zulks een beloning voor iemand die een bank tot aan de rand van de afgrond heeft gebracht, is op geen enkele manier goed te praten. Eenieder die nog durft te beweren dat de goeie man recht op het geld heeft, want tja, contract is contract, en we leven in een vrije markt, dus als het bedrijf hem het geld wil geven… - iemand die dit gelooft, kan bij mij gratis een hersenscan komen halen.

De publieke en politieke opinie is inmiddels honderdtachtig graden gedraaid. De hele wereld roept moord en brand, zelfs Allan Greenspan, de keizer van de vrije markt, geeft zijn falen toe. Strengere overheidscontrole, beperkte beloningen, lange termijn strategie in plaats van snel geld. Het einde van de graaicultuur van de vrije markt lijkt in zicht.

Deze genoegdoening smaakt lekker maar schieten we er wat mee op? Je hoopt dat mensen leren van de fouten uit het verleden. Een wijs man weet: als de geschiedenis ons íets leert, dan is het dat we niet leren van onze geschiedenis.

Bovendien zijn de politici met handen en voeten gebonden aan hun geldschieters. De autoindustrie kijkt over Angela Merkels schouder mee, de City hijgt in de nek van Gordon Brown en het nog maar afwachten of de nieuwe president van de VS niet net zo hard door het bedrijfsleven geregisseerd gaat worden als de gevaarlijke gek die er de afgelopen acht jaar heeft gezeten.

Daarom voorzie ik dat de kapitalistische bierkaai waartegen wij linkse rakkers vechten ons de komende jaren nog zal verslaan. Hebzucht is een menselijke eigenschap, net als de zes andere dodelijke zonden. Er is meer voor nodig dan een nieuwe vorm van kapitalisme om die nare eigenschap eruit te krijgen.

maandag 13 oktober 2008

Kapitalisme joepie!

De kapitaalcrisis duurt onverminderd voort. Joepie! Ik geniet met volle teugen van de tegenstrijdige analyses, de blinde paniek, de absurde interventies en vooral van het feit dat ik nergens last van heb. Ik stel mij zo voor dat het vooral jeukt bij mensen die flink in aandelen hebben geïnvesteerd. Die zien hun kapitaaltje ineens in waarde halveren. Tja, denk ik dan, dat is all in the game.

Maar nee, onze machthebbers beslissen anders. Zij hebben bepaald dat we met z’n allen niet armer mogen worden en pompen daarom honderden miljarden euro’s in de bankwereld. Euro’s, waarvan het nog maar de vraag is of die volgende week niet een kwart van hun waarde hebben verloren. Euro’s, die op heel veel andere manieren besteed hadden kunnen worden. Euro’s, die wij met z’n allen moeten betalen, ook al heb je geen weet van de kredietcrisis.

En dat allemaal omdat de politici niet in staat zijn buiten de geëffende paden van het marktfundamentalisme te denken. Het riedeltje is eenvoudig: mensen die minder te besteden hebben gaan minder consumeren, waardoor de werkgelegenheid afneemt en we in een recessie belanden. En dat willen we natuurlijk niet. We staan op de Mont Blanc van de welvaart en we zijn niet van plan naar beneden te komen.

Dat bovengenoemd scenario slechts een theorie is, niet eens gebaseerd op waargenomen feiten, geverifiëerde experimenten, of dubbelblind gerandomiseerd onderzoek, vertellen ze er gemakshalve niet bij. De markteconomie is niet meer dan een leuk bedacht verhaaltje waarvan de grote voordelen voor enkelen gemakkelijk opwegen tegen de kleine nadelen voor velen. Het is gebaseerd op het gegeven dat mensen altijd meer willen en bereid zijn daarvoor op de pof te leven.

Wellicht zou het een idee zijn om eens te stoppen met het ongebrijdelde lenen. Wat je niet hebt, kan je niet uitgeven, zo moeilijk is dat niet te begrijpen. Helaas gebeurt precies het tegenovergestelde. Krediet wordt een nivootje hoger getild. Geen tienduizend euro voor een individu, maar tien miljard euro voor een instelling. Op de pof.

Dat krijg je, als de oplossing voor de crisis komt van mensen die blijven geloven in het systeem, ook al is dat systeem ontploft. Daarom beschouw ik de kapitaalinjectie als niet meer dan een doekje voor het bloeden. Een hele grote doek, dat dan weer wel.

Over bloeden gesproken, hoe zit dat nou eigenlijk in het weekend? De beurs is dan gesloten, de handelaren zitten in de kroeg, de banken zijn op slot. Crisis, hoezo crisis? Bizar. In mijn vak bloedt de patiënt gewoon door, ook op de zaterdagavond. Het geeft eens te meer aan hoe ver van de financiële wereld van de werkelijkheid staat.

Maar goed, terug naar de ellende. Hoe erg is het eigenlijk? Ik heb nog niemand gezien die kon of durfde te voorspellen waar dit alles heen gaat. In absolute zin valt het ook wel mee. De Dow Jones staat nu, na een week van 22% verlies, nog steeds hoger dan in 2000 (toen de IT bel was gebarsten) en hoger dan in 2002 (na de aanslag op de Twin Towers). Laten we niet vergeten dat de beurskoersen in de afgelopen jaren alleen maar zijn gestegen. Logisch dat na zo’n stijging eens een daling komt.

En geld is er nog genoeg, getuige de honderden miljarden euro’s die overheden en centrale banken op de planken hebben liggen. Zolang de inflatie niet stijgt, maken de drukpersen overuren. En de inflatie stijgt voorlopig niet, want de rente gaat alleen maar omlaag en de olie is nog maar half zo duur als een jaar geleden.

Zo bezien ziet het er voor ons rooskleurig uit. Een lagere rente drukt de prijzen en over een tijdje kost een liter benzine nog maar 1 euro. Een mooie compensatie voor de waardedaling van je aandelen. Ja, laat die financiële jongens maar wieberen.

woensdag 1 oktober 2008

Kapitalisme hoera!

Het zijn boeiende dagen, nu het kapitalisme op z’n weelderige grondvesten schudt en de Amerikaanse economie zich als aangeschoten wild door het moeras van Wall Street wurmt. Het is een zooitje en je voelt hoe de radeloze paniek gestaag onder de huid van de machthebbers kruipt. Niemand kan immers voorspellen hoe of wanneer de dominostenen van de vrije geldmarkt tot stilstand gaan komen, en niemand weet of en hoe de crisis de gewone man zal treffen.

Zoals u waarschijnlijk wel weet, ageer ik al jaren tegen het ongebrijdelde kapitalisme. Het vermalijde systeem waarin de rijken over de ruggen van anderen nog rijker kunnen worden zonder dat hen een strobreed in de weg wordt gelegd. Het systeem waarin de waarde van iets alleen, maar dan ook alleen, in geld uitgedrukt mag worden. Waar getruukte hedgefondsen er met uw belastinggeld vandoor gaan en absurde bonussen de beloning zijn voor mismanagement en uitverkoop.

Maar nu lijkt het gedaan met de graaicultuur van het casino-kapitalisme. Koning Hebzucht en prins Amoraal zijn ten val gebracht! Reden voor een feestje? Nee. Want we zijn er nog lang niet.

Allereerst moeten we ons afvragen hoe het zo ver is gekomen. Een gebrek aan toezicht? In Amerika zeker, maar daar hebben de Amerikanen bewust voor gekozen. Bush werd acht jaar in het Witte huis gezet om de machtige rijken nog machtiger en rijker te maken, in ruil voor een oorlog die zijn vader niet had kunnen winnen.

In Europa was er wel toezicht, maar we lieten de speculanten hun gang gaan, omdat iedereen er de vruchten van plukte. Er zullen maar weinig mensen zijn die in de afgelopen tien jaar niet op de een of andere manier hun geld in een pakketje aandelen hebben omgezet. Zelfs ik, als notoire antikapitalist, heb een of ander vermogensplan met beleggingen moeten afsluiten om m’n hypotheek te kunnen dekken.

En zolang de rendementen op beleggingen hoger waren dan de spaarrente, mochten de financiële whizzkids doen wat ze wilden. Als de welvaart stijgt, is het systeem heilig.

Wij danken onze flatscreen televisies, onze nieuwe auto’s en buitenkeukens, onze verre reizen en dure kleren aan het ongelimiteerd lenen dat het kapitalisme voorstaat. Maar het is niet het kapitalisme dat de boosdoener is. Kapitalisme is slechts een systeem, een die ons hoogste doel het beste dient: materiële welvaart. Mijn stelling is dat zolang het materialistische denken de overhand heeft, het kapitalisme zal gedijen.

Terug naar de crisis. Je kunt je afvragen of het wenselijk is dat de overheid miljarden euro’s of dollars in omgevallen banken pompt. Ik geef direct toe dat ik nooit veel begrepen heb van de economie, maar in mijn boekje moet hij die z’n billen brandt, op de blaren zitten. Ik zie dan ook niet in waarom de financiële topmensen niet financiëel ter verantwoording worden geroepen. Hit 'm where it hurts, de ‘pluk-ze’ regeling is ook voor deze doelgroep uitermate geschikt. Schraap alle bezittingen van de topmanagers van Fortis, RBS, Santander en ABN bij elkaar en voíla, het eerste miljard is binnen. Zo bezit de heer Rijkman Groenink 35 miljoen euro terwijl de deal die hem dat absurde bedrag heeft opgeleverd zowel Fortis als ABN in zwaar weer heeft gebracht. Is 35 miljoen voor één persoon dan nog te rechtvaardigen?

Maar zoiets zal vast niet gaan gebeuren. Ik hoop dat iemand met meer verstand van zaken mij eens uit kan leggen waarom de staat deze private banken moet redden. Zijn ze bang dat het systeem in elkaar stort? Zou dat zo’n ramp zijn? Neemt u van mij aan dat niemand de gevolgen kan overzien, daarvoor is het veel te ingewikkeld. En het is nog maar de vraag of een economische recessie zo slecht is. Minder consumptie betekent minder afval, minder produktie betekent minder vervuiling en minder files.

Bovendien, ons welvaartsnivo is zo hoog dat het wel een stootje kan hebben. Misschien is een recessie juist de oplossing voor de corruptie van het materialisme. Misschien dat we ons dan realiseren dat bezit niet heilig is. Op naar een maatschappij waarin niet wordt gestreefd naar veel meer voor de enkeling maar naar een beetje meer voor iedereen. Amen!

De algemene beschouwingen

Als in de beste jaren van Lubbers en Kok heeft Balkende ons land weer in een politieke komkommertijd bewogen. Het bewijs hiervoor werd geleverd tijdens de jaarlijkse mars van wansmakelijke hoofddeksels en de daaropvolgende twee dagen van debat.

Geert “Alle Marrokanen het land uit” Wilders herhaalde nog maar eens wat hij al ontelbare malen eerder had gezegd (namelijk dat alle Marrokanen het land uit moeten), One-issue diva Verdonk deed een poging haar straatje schoon te vegen, de pokdalige Marc Rutte probeerde ons er hartstochtelijk van te overtuigen dat we aan de rand van de (financiële) afgrond staan, en Agnes Kant demonstreerde dat ze in een debat nowhere near Marijnissen komt. De PvdA heb ik niet gezien, maar dat kan aan mij liggen. Met een baby en fles melk op schoot wil de aandacht wel eens verslappen.

In mijn ogen bleven alleen Halsema en Pechtold overeind. Halsema, omdat ze de enige was die het kabinet op enkele punten omarmde in plaats van overal alleen maar kritiek op te leveren; Pechtold, omdat ie de enige was die daadwerkelijk iets zinnigs zei.

En onze vrolijke vrind Jan Peter Balkenende stond achter het kanteel alsware thuis aan de koffietafel. Met kwinkslagen en soms scherpe interrupties verweerde hij zich moeiteloos tegen de voorspelbare tegenwerpingen van de oppositie.

Hun belangrijkste punt, behalve dat alle Marrokanen het land uit moeten, was dat een peiling had laten zien dat het vertrouwen van de bevolking in de regering tot 25% is gedaald. Men wilde graag weten wat de minister president daarvan vond, wat ie van plan was daar aan te doen, en of het zou het helpen als ie alle Marrokanen het land uit zou gooien.

De premier kaatste de bal terug met de opmerking dat het kabinet heel veel vertrouwen in de burgers heeft. Een meesterlijke zet. Fijntjes wees hij op de waslijst aan feiten die het kabinet in de afgelopen periode heeft bewerkstelligd. Meer werk, meer geld, meer veiligheid. Wat hij eigenlijk bedoelde te zeggen, maar onbesproken liet, was dat niet het kabinet maar de burgers aangesproken dienen te worden op een gebrek aan vertrouwen. Het gaat immers prima met het land, dus waar loopt iedereen nou eigenlijk zo over te zeuren. En daarmee maaide hij al het gras voor de oppositionele voeten weg. Want die zullen wel gek zijn voordat ze de burgers tegen zich in het harnas jagen. Er moeten immers stemmen worden gewonnen.

Zo kabbelt de Nederlandse politiek voort in de maalstroom van wereldse ellende. De gebruikelijke enquetes na de beschouwingen lieten overigens zien dat het vertrouwen in de overheid in Nederland hoger is dan in de meeste andere landen. Helaas bleek eveneens dat de haatzaaiende nonsens van Wilders hem een verdubbeling van het aantal zetels oplevert, voor wat zo'n peiling waard is. Het toont in ieder geval eens te meer dat er in dit land veel meer geld naar onderwijs moet gaan. Misschien toch maar D66 stemmen dan…

vrijdag 12 september 2008

De PVV, weg ermee.

Een storm aan spoeddebatten over opgeblazen incidenten teistert de politiek als de orkaan Ike Cuba. Ongekende volksverlakkerij van de media, vergelijkbaar met het feest der indoctrinaties rond de Amerikaanse presidentsverkiezingen, heeft ook in Nederland stevige voeten aan de grond. De krant die zich hier bij uitstek voor leent, heet De Telegraaf. De spreekbuis van rechts Nederland, dagelijks koren op de molen van de PVV, de Partij van de VolksVerlakkerij.

Heeft u het filmpje in kwestie al gezien? Hier staat ie nog.
Een lange slungel op een brommer krijgt klappen van twee allochtone jochies, die waarschijnlijk stoer willen doen voor een fraaie verzameling autochtoon gajes, matjes in de nek, die lachend toe staat te kijken. Je vraagt je af wat die jongen daar in vredesnaam te zoeken had.
Maar wat kopt De Telegraaf de volgende ochtend? “DEN HAAG WORDT GETERRORISEERD DOOR MAROKKAANSE UKKIES,” in die grote vette letters van ze. Dat één van de jongens van Algerijnse afkomst is, zien we gemakshalve maar even door de vingers.
En wie roept er de volgende dag in de Tweede kamer op hoge poten de minister op het matje? Juist, een van de idioten van de partij van Geertje Wilders. Wat hun betreft gooien we de ouders van deze kinderen ook maar meteen de cel in, of, als dat niet helpt, deporteren we het hele gezin het land uit. Dat mensen rechten hebben, ach ja, whatever.
Ik vind het ronduit beschamend dat een politicus dergelijke volstrekte flauwekul durft te verkondigen en nog triester dat de minister van Justitie hierop moet reageren. Als ik de minister was, zou ik wel weten. De hele PVV de cel in vanwege schending van de grondwet.

Het is overigens niet netjes van die jochies. En natuurlijk zijn er genoeg gevallen bekend van Marokkaanse ventjes die op brute manieren Nederlandse burgers lastig vallen. Laatst nog werd de zes maanden oude dochter van een vriend van me voor hoer uitgemaakt. Na wederwoord (“je moeder ook”) kreeg de vader klappen. Zoiets is nooit goed te praten.
Maar is het een nieuw fenomeen? Toen ik het filmpje zag, moest ik denken aan mijn jeugd in het Limburgse dorp Eijsden. Daar hadden we ook van dat soort veldjes. Eentje heette zelfs ‘het Veldje’ en daar moest je niet komen als je niet uit die buurt kwam, tenzij je op zoek was naar een bloedneus en een blauw oog. Ondertussen terroriseerde de bende van Johnny Roeshj onze wijk en dan waren er nog de drie zonen van het gezin Eikelenboom, die te dom waren om hun eigen reet af te vegen en het daarom maar bij anderen probeerden.
Het is dus niks nieuws, zo bevestigd ook een cultuurpsycholoog van de Radboud Universiteit, in een andere krant. Rotzooi wordt getrapt door de achtergestelde jochies, de mennekes uit het laagste sociale milieu, de prepuberale rukkers die roken nog voordat ze schaamhaar hebben. Dat is altijd zo geweest en zal altijd zo blijven. Soms zijn dat jongens van Noord-Afrikaanse afkomst. In Rotterdam zijn het vaker Antilliaanse pubers, in Nijmegen waarschijnlijk de aso’s uit de Wolfskuil. Maar daar hoor je Geertje Wilders niet over. Die heeft te druk met z’n hetze tegen de Islam.

En het was deze week niet de eerste keer dat de PVV een spoeddebat sommeerde. Al eerder had de minister zijn mening moeten geven over een of andere advocaat, u raadt het al, een orthodoxe islamiet, die geen zin had om op te staan toen de rechter binnenwandelde. Ik snap best dat zoiets niet netjes is en ik wil er ook nog wel aan dat zoiets door de orde der advocaten recht moet worden getrokken. Maar het ontgaat mij volledig waarom de politiek, tot aan de minister toe, zich hiermee moet bemoeien. Alsof de PVV meent dat er niets beters te doen is.
De partij van Wilders zorgt op deze manier voor een ontwrichting van onze democratie. Kleine incidenten worden opgeblazen tot zaken van nationaal belang. Kostbare tijd en energie gaat verloren aan zinloze kamerdebatten met als enig resultaat dat de burger de politiek niet meer serieus neemt (voor zover dat al het geval was).
Ach ja, zult u misschien zeggen, wat maakt het ook uit. Niet zoveel, geef ik toe, zolang we in vredestijd leven. Maar als het ooit tot een religieuze oorlog komt, dan wordt het een heel ander verhaal. In zulke tijden is het volk gemakkelijk op te hitsen door nationaal populisme en als het eenmaal een gemeenschappelijke vijand heeft gevonden, dan maakt het die zonder pardon af. Vergis u niet. Wilders staat slechts één stap af van iemand als Radovan Karadzic, en die ene stap is soms zo gemaakt. We kunnen er dus maar beter voor zorgen dat we de mond van het rechtse nationaalpopulisme in onze politiek voortijdig snoeren.

maandag 1 september 2008

God bless America

Het is niet gemakkelijk om partij te kiezen in Amerika. Bovendien, of je nou een republikeins of een democratisch hart hebt, je bent altijd de lul. Want één helft van het land zal het nooit met je eens zijn, ongeacht wie er president wordt. Hier een korte analyse van de opties.

Aan de rechter kant staan de jongens van de Republiek. Dit zijn de mensen die geloven in de vrijheid van het individu en het succes van de onderneming. In hun ogen is een succesvolle Amerikaan iemand die zichzelf vanuit een penibele situatie omhoog werkt door er keihard voor te knokken, bij voorkeur met een eigen buisness. De overheid moet dit zoveel mogelijk faciliteren en zo min mogelijk tegenwerken. Concreet betekent dat lage belastingen en weinig regels. Liberalisme ten top dus.

(Dat deze filosofie de afgelopen acht jaar is misbruikt door de stinkend rijke oliebaronnen in Washington, met als enig doel de bescherming van hun eigen belangen, dat even terzijde. Macht wordt immers altijd misbruikt en in een kapitalistisch systeem ligt het voor de hand dat de rijken het voor het zeggen hebben.)

Maar de republikeinen vertegenwoordigen tevens een zwaar conservatief, Christelijk blok. En dat wringt. Ik vind mensen die op grond van een dubieuze moraliteit tegen een heleboel dingen zijn, of het nou abortus, euthanasie of homosexualiteit is, nogal eng. Zeker wanneer ze in de naam van God het morele recht op de indiviuele vrijheid claimen. Van zulke mensen mag je vrij zijn, maar alleen op hùn manier. Vraag maar eens aan de inwoners van de Gazastrook hoe dat voelt.

De Republikeinse partij is dus als een slecht huwelijk van de VVD en de SGP. Neuken met een kuisheidsgordel. Nog ingewikkelder wordt het wanneer je je realiseert dat de republikeinen van oorsprong de partij van de arbeiders is. De VVD-SGP tandem krijgt er een PvdA wiel bij. Het wordt steeds onwaarschijnlijker.

Het is overigens niet zo gek dat een groot deel van de laagbetaalde werkers op Bush heeft gestemd. Immers, het laatste wat je wil is een regering die de Amerikaanse droom van succes, hoe ver ook verwijderd van de dagelijkse realiteit van deze mensen, met overheidsregulatie en collectieve premies om zeep helpt. Want wat heeft het dan nog voor zin om uit het dal te klimmen?

Overheidsregulatie en vrijheidsbeperking, dat is het stigma waarvan de Democratische partij maar niet kan verlost kan worden. En dat terwijl hun opvattingen helemaal niet stoelen op overheidsbemoeienis of belastingverhogingen. Democraten geloven in een wereld waarin individuele verschillen niet leiden tot een oneerlijke verdeling van rijkdom en macht maar tot een betere samenleving. En sommige individuen hebben nu eenmaal wat sturing nodig.
Maar een droom over een perfecte wereld krijg je meestal terug als een dolk in je rug. Hoe mooi idealen ook zijn, uiteindelijk zullen ze altijd de vrijheid van het individu beperken. Zo is goede gezondheidszorg voor iedereen een fraai beginsel, maar is het nou echt de verantwoordelijkheid van de staat? Je dient immers eerst en vooral zelf voor je gezondheid te zorgen. Bovendien beperkt een opgelegd stelsel de keuzes die je kunt maken. En het wordt al helemaal een heikel punt wanneer we er met z’n allen voor moeten gaan betalen. Dergelijke maatschappelijke solidariteit heeft volgens velen geen plek meer in onze kille kapitalistische wereld. Er zullen in ieder geval weinig mensen op stemmen.

Er is maar één brandstof voor idealisme en dat is hoop. Het heeft imers weinig zin om in iets te geloven wanneer je geen hoop hebt dat het ook bewaarheid kan worden. Hoe onrealistisch hetgene waarin je gelooft ook is. De Democraten hebben dus iemand nodig die hen en de rest van het land weer een beetje geloof in de toekomst geeft.

Zo iemand is Barack Obama. Ik was diep onder de indruk van zijn vijfenveertig minuten durende speech (de video’s staan nog op CNN). Eén van zijn sterke argumenten vond ik de opmerking dat het geen probleem moet zijn dat mensen verschillende standpunten hebben over zaken als abortus, euthanasie en homosexualiteit. Zolang je maar streeft naar een maatschappij waarin mensen samen kunnen leven zonder dat ze hun standpunten te hoeven verloochenen. Een écht vrije wereld dus, eentje waarin iedereen mag denken wat hij wil zonder het respect van een ander te verliezen.

Dit zuivere en o zo eenvoudige ideaal zul je bij een republikein niet snel aantreffen. Alleen al daarom zou mijn stem naar de Democraten gaan. Al het andere geneuzel, over ervaring en verstand, over retoriek en eenvoud, over leeftijd en geloof, is secundair geouwehoer, in het leven geroepen om ons bezig te houden tot aan de dag van de verkiezingen.

Het gaat nog een mooie strijd worden tussen angst voor het nieuwe en hoop op beter. En hoe beter zou die strijd belichaamd kunnen worden dan door een 71-jarige veteraan en een begenadigde halfbloed? Het zal er om gaan spannen!

dinsdag 26 augustus 2008

de Booker Prize

Om de zinnen te verzetten kom ik deze week niet met een column voor de dag. Ik zou natuurlijk kunnen ageren tegen de verdere verrechtsing van het land, nu de conservatieve geloofsrakkers het laatst overgebleven restje links anarchisme wettelijk willen verbieden.
Ik heb het over het kraken, een grotendeels onschuldige bezigheid die voorziet in de woonbehoefte van veelal intelligente andersdenkende jeugd en, en passant, de schrikbarende leegstand van kantoren en gemeenschapsgebouwen aan de kaak stelt, die vaak het gevolg is van speculerende onroerend goed ratten. Dat het er bij een ontruiming niet altijd even beschaafd aan toe gaat, juicht de ME alleen maar toe. Daarvoor zijn ze tenslotte bij de ME gegaan.
Maar de regering gaat met een nieuwe wet komen die kraken strafbaar stelt en tegelijk de leegstand wil aanpakken. We weten allemaal hoe zoiets afloopt. Enerzijds heeft een van hogerhand ingesteld verbod meestal een averechts effect, zeker wanneer het verbod alternatieve of radicale elementen treft en al helemaal wanneer het bedacht is door een stelletje bekrompen burgerlijke zondagsbelijders. Anderzijds zijn de gemeenten wel de laatste aan wie je leegstandbeheer wil overlaten; het is nou juist door hún lakse nalatigheid dat die panden überhaupt zolang leeg staan.
Een typisch gevalletje van kleinzielige overheidsregulatie dus. En het komt niet eens van de PVDA. Maar goed, zoals gezegd, ik zal er niet te veel woorden aan vuil maken. Ik heb namelijk iets anders voor u. En wel dit: de short list van de Booker Prize. Ter info: de Booker Prize is de Oscar of de Pullitzer voor de literatuur.
Het leek me wel aardig om de nominaties met u te delen. Ik weet niet hoe het u vergaat, maar ik vind het moeilijk om een goed boek te vinden dat niet in de vorige eeuw (of daarvoor) geschreven is. Boeken als Tirza en Joe Speedboot zijn aardig gestileerd maar tuimelen van mijn boekenplank af vanwege een gebrek aan inhoud. Het populaire ‘Nachttrein naar Lissabon’ is in mijn ogen een draak van een roman en alleen geschikt voor mensen die al way beyond hun midlife crisis zijn. En over de grootverdieners zal ik zwijgen behoudens de opmerking dat, voor wat betreft schrijfstijl, boeken als ‘de Vliegeraar’, ‘Komt een vrouw bij de dokter’ en de onvermijdelijke ‘Da Vinci Code’ niet in aanmerking komen voor het predikaat ‘Literatuur’ maar thuishoren in de categorie ‘Pulp’. Alwaar zij overigens een niet onverdienstelijke indruk achterlaten.
Ik hoop derhalve dat de nominaties van de Booker Prize mij een uitweg uit de literaire misère zullen bieden. Zo niet, dan zijn er nog wat Hemmingways en Borges te lezen en misschien begin ik nog eens aan Tolstoi’s tour de force ‘Oorlog en Vrede’, een tip van mijn vader. Maar eerst deze dus:

- The White Tiger van Aravind Adiga
- A Fraction of the Whole van Steve Toltz
- Child 44 van Tom Rob Smith
- A Case of Exploding Mangos van Mohammed Hanif
- The Enchantress of Florence van Salman Rushdie
- Sea of Poppies van Amitav Ghosh
- The Secret Scripture van Sebastian Barry
- From A to X van John Berger
- Netherland van Jospeh O'Neill
- The Lost Dog van Michelle de Kretser
- The Clothes on their Backs van Linda Grant
- The Northern Clemency van Philip Hensher
- Girl in a Blue Dress van Gaynor Arnold

Gaan er belletjes bij u rinkelen? Bij mij niet. Ik ken alleen Rushdie, de literaire terrorist. Ik ben ooit begonnen aan zijn duivelsverzen maar ik kwam er niet doorheen. Het zal vast een prachtig boek zijn maar naar mijn smaak te veel geouwehoer op de vierkante centimeter. Z’n nieuwe sla ik dus maar even over.
Ik heb inmiddels uitgevogeld dat ik ga beginnen met A Fraction of the Whole, de debuutroman van een Australiër uit mijn leeftijdscategorie die scherp, grappig en sarcastisch is, als je de recensies moet geloven. Nu maar hopen dat de boekhandel hem verkoopt voor een prijs die niet te ver af ligt van de zeventien dollar die Amazon.com er voor vraagt.
Overigens las ik in een interview met Steve Toltz (de auteur) dat hij vier jaar over het boek gedaan heeft. En alles wat hij in het eerste jaar had geschreven, heeft de schifting niet overleefd. Zoiets zet mijn eigen brouwsels in een aardig perspectief. Schrijven is een ambacht dat je leert door het veel te doen. En dan maar hopen dat je talent hebt. Als het goed is, hebben bovenstaande schrijvers dat in ieder geval wel.

dinsdag 19 augustus 2008

Erika

Had ik net een bijtende satire over de kwakkelende economie geschreven (die heus niet zo kwakkelt als dat men u wilt doen geloven), valt mijn oog op het medailleklassement van de Olympische Spelen. Er is daar iets vreemds gaande. Ik geef u de stand van zaken.

‘We’ hebben drie gouden plakken: eentje voor een vrouwenroeiboot, eentje voor een wielrenster en eentje voor de zwemsters.

‘We’ hebben vijf keer zilver: een vrouwelijke judoka, de damesachtboot, twee zeilboten met vrouwen aan boord en de dressuurploeg (twee vrouwen en, warempel, een man).

Tenslotte nog vier bronzen medailles: twee vrouwen en twee mannen met ippon en wasari.

Ik vraag u: waar zijn de Nederlandse mannen gebleven? Zijn wij nou zo slecht, of zijn onze vrouwen nou zo goed? Waar de Nederlandse vrouw als echte Foekje Dillema’s hun atletische bouw koppelen aan stug doorzettingsvermogen en mentale hardheid, verzandt de Nederlandse man in slappe excuses en een gebrek aan vorm. Alsof ze roze poloshirts dragen in plaats van oranje.

En het is niet zomaar een verschil. Het contrast tussen Vos en Bos deed me pijn aan m’n ogen. Waar Marcelien en Lobke (wie zo’n naam bedenkt verdient een medaille) volharding toonden, faalden de gebroeders Coster hopeloos. Om over de roeiers nog maar te zwijgen; zelden zo’n genante voorstelling gezien als die van de mannen-vier-met-wier. De waterpolosters verslaan wereldkampioen Italië in een heroïsch gevecht (terwijl ik dit schrijf maken ze overigens gehakt van de Hongaren) maar de voetballers laten het voor de zoveelste keer afweten. Om over de strandballers nog maar te zwijgen. Dit zijn de mannen die 's ochtends langer voor de spiegel staan dan hun egaa's. Het laatste restje trots wordt er met Nivea for men afgesmeerd.

Het lijkt erop dat de Nederlandse man niet weet wanneer hij moet pieken. Dit in tegenstelling tot de gemiddelde Chinees, Amerikaan, of Australiër. De Nederlandse mannen zijn vooral sterk in het winnen van wereldtitels in de zogenaamde tussenolympische jaren. Dus wel scoren in een oefenpotje maar niet thuis geven wanneer het er echt om gaat. Dat verklaart meteen ons laag geboortecijfer.

Een sprekend feit is dat van alle mannen alleen pinguin Pieter zijn persoonlijke record wist te verbeteren. En laat Pieter nou toevallig een van de weinige mannen zijn die in de afgelopen jaren vrijwel niets heeft gepresteerd. Kijk hier, de sleutel tot succes.

Er is misschien nog een tweede faktor die meespeelt. Wij mannen hebben immers een lokkertje nodig om te presteren. Een bonus op het werk, lingerie in bed, ik noem maar wat. In het geval van onze sporters valt mijn oog dan op het boegbeeld van onze Olympische ploeg.

Erika Terpstra.

Met alle respect, zij is nou niet bepaald wat je noemt een lekker ding. Hoe zou je je voelen, als man, als je weet dat je na het winnen van een medaille een lekkere knuffel van Erika kan verwachten? Ik zou wel twee keer nadenken voordat ik die eindsprint inzet.

Het moge duidelijk zijn dat er wat moet gebeuren, willen we over vier jaar in Londen niet eenzelfde debacle ervaren. Mijn voorstel is tweeledig. Ten eerste dient het selektiebeleid radicaal omgegooid te worden. We moeten alleen nog sporters selecteren die in de tussenolympische jaren redelijk maar niet overdreven goed hebben gepresteerd. Mannen die te veel wereldtitels hebben gehaald, mogen thuis blijven. Zij zijn bij voorbaat kansloos. Te vroeg gepiekt. Atleten als Youri van Gelder en Rens Blom daarentegen zijn meer dan welkom, zij hebben immers voldoende vormverlies getoond.

Het tweede punt zal zijn: stuur Erika met pensioen. Giet haar in brons en plant haar op een sokkel in het centrum van Wageningen. Doet het vast leuk naast de bronzen penis die ze daar al hebben. Wat we nodig hebben, is een nieuw boegbeeld. Eentje waarvoor onze mannen door het vuur willen gaan.

Een voor de hand liggende keuze is prinses Maxima, maar iemand zal toch op de kinderen moeten passen. Andere serieuze kandidaten zijn Inge Dekker en Leontien van Moorsel, ex-sporters met een hoge amusementswaarde. En als niemand wil, dan kunnen we altijd Johan nog vragen. Succes gegarandeerd.

maandag 4 augustus 2008

Earth

Gisteravond heb ik de prachtige documentaire ‘Earth’ gezien. Spectaculaire beelden die je eens te meer doen beseffen hoe fantastisch mooi de natuur kan zijn. Je zou er spontaan Groen Links van gaan stemmen (dat doe ik overigens al). Het enige minpuntje was het moralistische einde, waar ons nog even een schuldgevoel over het veranderende klimaat door de strot werd geduwd.

Het zal u misschien verbazen van een notoire bomenliefhebber en SUV-hater als ik, maar ik geloof niet zo in de theorie van de opwarming van de aarde. Ik zal u een aantal argumenten geven.

Allereerst moet u zich realiseren dat de zogenaamde feiten die u voorgeschoteld krijgt geen waarheden zijn, maar observaties die door wetenschappers al naar gelang hun geloof worden geïnterpreteerd. Zo is bijvoorbeeld de temperatuur in de afgelopen eeuw gestaag gestegen. Maar omdat we niet weten hoe de schommelingen in de vijftig eeuwen daarvoor zijn geweest, kunnen we onze data niet zuiver interpreteren. Net zo min als dat je de groeicurve van een baby kan bepalen wanneer je alleen het gewicht tussen maand 6 en maand 7 weet.

Waar we overigens wel een schatting van kunnen maken, is van de cycli der ijstijden. Volgens die schatting hadden we tienduizend jaar geleden al de bontjas aan moeten trekken. We leven zogezegd in toegevoegde tijd. Saillant detail daarbij is dat de opwarming van de aarde, via veranderende golfstromen en toegenomen sneeuwval hogerop, uiteindelijk zal leiden tot een nieuwe ijstijd. Het zou dus zomaar kunnen dat de aarde slechts bezig is zijn afspraak met de kou na te komen.

Een tweede probleem is dat we niet kunnen voorspellen waartoe de opwarming zal leiden. Het ecosysteem is immers vele malen meer complex dan bijvoorbeeld ons wereldeconomisch toneelstukje of het dagelijkse weer en iedereen weet hoe slecht we die voorspellen. Doemdenken neemt dan al snel de overhand, gevoed door onze aangeboren angst voor het onbekende. Het is gemakkelijk om, zoals de makers van Earth, te suggereren dat wanneer de zee opwarmt, het plankton verdwijnt en dus de bultrugwalvissen zullen sterven van de honger. Zo simpel werkt het natuurlijk niet. Voor hetzelfde geld ontstaat er door de opwarming een enorme populatie garnalen bij Kaap de Goede Hoop en zijn de walvissen eindelijk verlost van hun jaarlijkse trektocht van vijfduizend kilometer tussen zoog- en fourageergebied.

Vervolgens moet u zich afvragen waarom wij eigenlijk zo graag willen dat alles bij hetzelfde blijft. Als Earth iets laat zien, dan is het wel dat dynamiek nou juist de motor van het ecosysteem is.

De natuur is altijd in beweging en past zich immer aan. Het laatste wat je in zo’n systeem moet doen, is ingrijpen en alles bij hetzelfde houden. 99,99% van alle diersoorten die ooit geleefd hebben is al lang en breed uitgestorven en het resultaat is de wereld die wij nu zo prachtig vinden. Het is geen wens van de natuur om niet te veranderen, het is een wens van ons. Onze motieven zijn niet zo nobel als Al Gore u wilt doen geloven.

Net zo min als dat de natuur wensen heeft, maakt zij onderscheid tussen goed en kwaad. Een beetje ijsbeer zal u zonder pardon in stukken scheuren en opeten wanneer hij u ontmoet. Waarom vinden wij hen dan zo zielig en willen we niet dat ze uitsterven?

Omdat we empatische wezens zijn. Het is de paradox in de mens dat hij dat wat leeft kan koesteren alsof het zijn eigen vlees en bloed is, maar tegelijkertijd de meest destructieve soort is die de natuur ooit heeft voortgebracht.

Zo schieten we met het grootste gemak duizenden ganzen af zodat we onbelemmerd naar verre oorden kunnen vliegen om te genieten van de ongerepte natuur. Zo woont de baas van mijn broer naast een prachtig natuurgebied vlak onder Eindhoven en rijdt hij iedere dag heen en weer naar zijn werk in Maastricht. Een dagelijks spoor van 36 kilo CO2, omdat hij zo geniet van de natuur. Hoezo paradoxaal?

Ook ik bewonder de pracht en praal van het leven om ons heen. Ook ik ben fel gekant tegen het jaarlijks doodknuppelen van tweehonderdduizend zeehonden of het kappen van een stuk regenwoud ter grootte van de Britse eilanden, zoals in de afgelopen vijf jaar is gebeurd. Ik vind dit, omdat ik mens ben. Maar probeer mij niet wijs te maken dat wij mensen zo belangrijk zouden zijn dat we de levensloop van onze planeet kunnen bepalen. Het enige waar wij last van hebben, is ons ego. Ten goede en ten kwade. Het zal de rest van de wereld een zorg zijn.

dinsdag 15 juli 2008

Auto ellende

Gister was het weer raak. Een jonge automobilist heeft een meisje van zeventien dood gereden. Met veel te hoge snelheid probeerde de twintigjarige chauffeur een flauwe bocht op Texel te nemen. De beschonken toestand waarin hij zich bevond bleek niet bevorderlijk voor zijn stuurmanschap. Twee meisjes, nietsvermoedend op de fiets na een avondje stappen, werden frontaal geschept en belandden in een weiland verderop. Eén van hen was vrijwel op slag dood.

Het zal je dochter maar zijn.

De jongeman reed vervolgens door. Even verderop besloot hij te keren. Waarschijnlijk toch de verkeerde afslag genomen. Opnieuw reed hij langs de plek des onheils. Daar probeerden enkele onthutste omstanders hem tot stoppen te dwingen maar zij moesten springen voor hun leven.

Als in het godverlaten Uruzgan een militair sneuvelt als gevolg van vijandelijk (of vriendelijk) vuur, zien we twee uur later een minister en een generaal diep bedroefd aan de persconferentietafel. De lijkkist krijgt een ontvangst alsof er een staatshoofd op bezoek komt. Maar het doodgereden Texelse meisje wordt afgeserveerd als dagelijkse kost. Ik probeerde vandaag de teletekstpagina van het verkeersongeval terug te vinden. Die bleek al verwijderd. Oud nieuws. Er vallen tenslotte in het verkeer vijfhonderd doden per jaar en daarmee is dat geen nieuws meer. Het zijn er wel een stuk meer dan in Uruzgan.

Hoe lang accepteren we eigenlijk nog dat dronken mensen onze kinderen overhoop rijden? Een alcoholslot is al op de markt verkrijgbaar, een keertje blazen voordat de auto start, of niet. Snelheidsbegrenzers zijn er ook, koppel ze aan het GPS-systeem en een klok en voilá, functionele variabele snelheid. En zo’n jongen, die hoort tien jaar cel en een levenslang rij- én alcoholverbod te krijgen.

Maar het is vloeken in de kerk als je aan onze auto komt. De auto is immers het moderne symbool van onze vrijheid, het paard van de lonesome cowboy, het schip van Abel Tasman. De mythe van die autovrijheid wordt er iedere dag door het machtige reclameapparaat van de autoindustrie ingeramt. Dat is zo effectief dat inmiddels een heleboel mensen een file als moment van ontspanning ervaren. Lekker met z’n duizenden in een koekblik op het dampende asfalt. Lekker vrij ook, in een wolk van uitlaatgassen en lawaai, tussen bedrijvenparken en geluidsschermen. Maar dan wel in een auto die je zèlf hebt gekozen. Kijk, dat is nog eens vrijheid.

Iedere idioot met een zak geld koopt tegenwoordig een slurpende en vervuilende terreinwagen, waarvan de banden nooit het asfalt zullen verlaten en de vierwielaandrijving vooral tot doel heeft de ietwat overjarige bestuurder nog ergens het idee te geven dat hij een man is. Want echte kerels, die doen het met een vier keer vier. Ook in de file.

En zo vliegen auto’s die zelfs wanneer ze stilstaan één op zes rijden als warme broodjes over de toonbank terwijl ondertussen klimaatdeskundigen over elkaar heen rollen met slechts nieuws en pessimistische vooruitzichten.

Het is overigens niet dat er geen schonere auto’s gemaakt kunnen worden. Auto’s met zonnecellen of waterstofaccu’s bijvoorbeeld, of auto’s die één op dertig rijden en altijd onder de tweeduizend toeren draaien. Natuurlijk wel, dat kan al lang. Maar wij, wij automobilisten, wij willen graag van nul naar honderd binnen tien seconden. Wij willen graag de illusie dat we, als het echt moet, ergens op een afgelegen strook Autobahn de tweehonderd per uur aan kunnen tikken. Als het echt moet.

Gelukkig is er hoop. De anti-auto-revolutie zou wel eens dichterbij kunnen zijn dan ik denk. General Motors heeft de Hummer, het meest treffende symbool van de onbegrensde spilzucht van de mens, uit produktie genomen.

De echte ommekeer komt wanneer de benzine onbetaalbaar is geworden. Wanneer de mensen zich eindelijk gaan realiseren dat de heilige marktwerking hen al die tijd voor de gek heeft gehouden. Want bedenk u wel, voor iedere liter benzine die een ander onnodig verbruikt, moet ook ù aan de pomp meer betalen. De vraag wordt door de massa bepaald, de prijs door hen betaald. En wanneer de massa dat principe in de gaten krijgt, kunnen de verspillers onder ons zich maar beter uit de voeten maken. Het zal nog een hele klus worden om ze te pakken te krijgen. Die jongens met hun snelle terreinwagens.

dinsdag 1 juli 2008

RSI

Mijn brein brokkelt langzaam af als gevolg van een chronisch slaaptekort en een overmaat aan onbegrijpelijke decibellen. Natuurlijk geniet ik van de unieke momenten die mijn dochter me geeft; de gekke bekken die ze trekt, de schoonheid in haar slapende gezicht, de geur van haar gele mosterdpoep. Maar voor een man die zijn eigen bewegingsvrijheid hoog in het vaandel heeft staan en gezegend is met een lage frustratie-tolerantie drempel, zijn de eerste babyweken behoorlijk afzien. Ik hou me maar vast aan de woorden van mijn vele voorgangers. "Het wordt straks allemaal beter," vertellen ze me met een blik in hun ogen die me doet vermoeden dat ze net terug zijn van de loopgraven van Verdun.
Niet alleen mijn neuronen kraken onder de nimmer aflatende papadruk, ook mijn fysiek gestel is het aan het begeven. En ik was al niet gezegend met de Hummer onder de lijven. Meestal merk ik stress als eerste aan mijn onderarmen. Mijn polsen gaan pijn doen, of het gewricht van mijn duimmuis, of de strekspieren van de vingers. Nu zijn mijn ellebogen aan de beurt. U kent het wel, een zeurende pijn die scherp toeslaat bij zware belasting. Zo'n plek waarover je de hele dag aan het wrijven bent zonder dat je je vinger er precies op kan leggen. Zo eentje heb ik nu.
Vroeger dacht men dat overbelasting de oorzaak was van dergelijke zeurende armpijnen. In mijn geval zou het bijvoorbeeld geluxeerd kunnen zijn door overmatig luierwisselwerk. Maar zoals zo vaak verandert het medisch inzicht sneller dan de klacht. De term RSI (repetitive, het woord zegt het al) is uit den boze en vervangen door CANS (complaints of arm, neck and shoulder), waarmee de vereniging voor vuurwerkslachtoffers is handreiking werd gegeven.
Deze week promoveert iemand op een onderzoek waarin hij tweeduizend kantoorarbeiders gedurende twee jaar iedere drie maanden een vragenlijst heeft laten invullen terwijl een stukje software ondertussen bijhield hoeveel uren de buroslaven naar hun monitor staarden. Je kan natuurlijk je vraagtekens zetten bij het gebruik van vragenlijsten, notoir onbetrouwbaar en afhankelijk van het humeur van de respondant, maar dit zijn indrukwekkende aantallen.
De conclusie van het onderzoek? Er bestaat geen verband tussen de duur van het computergebruik en CANS. Daar ga je met je muisarm en je ergonomisch verantwoord toetsenbord. Wél van slechte invloed zijn het gelijktijdig gebruik van de telefoon en de computer. Zeg dus maar dag tegen je mobieltje als je van je RSI af wilt. En ook van slechte invloed: een overmatige toewijding aan werk! Plus doorwerken tijdens lunchpauzes! Dit mogen gerust een baanbrekende resultaten genoemd worden.
Eindelijk is het bewezen: hard werken is ongezond. Ik roep het al jaren maar het is vechten tegen een diepgeworteld economisch dogma. Maar nu kan niemand meer om mijn werkadvies heen. Zorg goed voor u zelf! Wees niet te streng met uw werktijden, surf af en toe naar marktplaats.nl of hyves en neem vooral de tijd om uitgebreid te lunchen. Dan komt het allemaal goed.
Nu nog een manier vinden om deze kennis thuis te implementeren. Ik zal het er eens met Evi over hebben.

woensdag 11 juni 2008

Evi

De aandacht van een columnist wordt voortdurend afgeleid door het leven zelf. Dan schiet het schrijven er nogal eens bij in. Het is niet dat ik staak - u zult inmiddels wel weten dat 2008 het jaar van de Staking is - maar ik waarschuw wel: als ik niet snel beter betaald krijg voor dit bonafide werk, dan gooi ik uit protest de dop op mijn figuurlijke pen!

Maar goed. Het grote nieuws is natuurlijk de geboorte van een wolk van een dochter, die we Evi hebben genoemd. Na een puike thuisprestatie van haar moeder zag dit wondertje het levenslicht. Wat is de natuur toch mooi, als je ziet wat er in de buik van een vrouw kan groeien.

Alle lof voor mijn vriendin, het is geen pretje om zo’n baby door je baringskanaal te persen. Maar daarna wordt het toch een ander verhaal. Want waar moeder de hele dag op bed hangt, borst voedend en beschuit etend, rent vader zich de kramp in zijn hamstrings om de boel draaiende te houden. Ik schat dat ik iedere dag een keer of driehonderd de trappen op en af ben gehold, om maar wat te noemen. Ik was er bijna van gaan staken. Overigens begreep ik na drie slapeloze nachten wel waarom de Nederlandse man niet protesteert tegen de regeling dat hij slechts twee dagen bevallingsverlof heeft. Er is namelijk geen beter excuus om op de zolder te gaan slapen dan dat je morgen fit op je werk wilt verschijnen.

Maar goed, het is het natuurlijk allemaal meer dan waard, en als puntje bij paaltje komt, zou ik liever moe thuis blijven om voor mijn vrouwen te zorgen, dan slapen en werken. Evi verandert iedere dag van kop en karakter en er is niets mooier dan zoiets van dichtbij mee te mogen maken.

Genoeg nu over de nieuwste telg aan mijn familieboom. Is er nog anders nieuws dat de moeite van het becommentarieën waard is?

Wat dacht u van het ernstige tekort aan mankracht dat bij defensie is ontstaan. Vierhondervijftig militairen zijn vrij plotseling afgezwaaid, waaronder een verzameling sergeants en sergeant-majoors. De belangrijkste reden voor hun vertrek: ze vonden dat ze te veel van huis waren… Goed, dat was het dan met onze soldaten. Laten we dat leger nou maar afschaffen, dat scheelt een boel geld en een hoop huiselijke onvrede.

Daarnaast is het EK voetbal begonnen, het zal u niet ontgaan zijn. Eens in de twee jaar worden we dan getrakteerd op de allerslechtste televisie die ik ken: het EK-penaltieschieten in lingerie. Er zijn weinig dingen in de wereld die ik minder begrijp dan dit. Dat je als maffe Oostenrijker je dochter in je kelder opsluit en vijf kinderen bij haar verwekt, dat je als maffe Japanner lukraak wat landgenoten overhoop steekt omdat je er geen zin meer in hebt, of dat je als stakende Portugees jezelf voor een vrachtwagen werpt in de hoop dat ie stopt, dat kan ik allemaal nog wel begrijpen, hoe ver het ook van me af staat. Maar het EK-lingerie…. Alsof ze op Mars Chinees tegen me praten. Wie zijn die mensen die dit programma maken? Wie zijn die vrouwen die, gekleed in roze en witte kanten broekjes, wanhopig tegen een bal trappen en er nog om lachen ook? Is hun cupmaat werkelijk groter dan hun IQ, of krijgen ze er schandalig veel voor betaald? En die mannen, die juichend en drinkend langs de kant staan als een kudde koeien die net de hormoonspuit heeft gehad, wat doen die in het dagelijks leven? Zijn het wellicht stakende buschauffeurs?

Ik vermoed dat we met dit volk de absolute onderkant van het Nederlandse beschavingsnivo zien. Ik geef grif toe, het haalt het niet bij plunderende kapmesbendes, schietgrage zelfmoordterroristen, of oorlogszuchtige oliebaronnen, maar toch. Het is niet iets om Trots op Nederland op te zijn. Hetgeen overigens niet wegneemt dat het leeuwendeel van dat volk vast op Rita Verdonk stemt.

En dan zijn er vanochtend ook nog zestigduizend kippen levend verbrand in een schuur in Limburg. Zeg het maar eens hard op, “zestigduizend”, dat zijn er een hele hoop. Toch raar, een schuur vliegt in de fik en een middelgrote stad aan kippen is de pineut. Zouden er geen nooduitgangen voor kippen zijn? Of brandblussers, een sprinklerinstallatie, dat werk? Je vraagt je af of deze praktijken gemeengoed zijn in de kippenbranche. Ik verwacht morgen kamervragen van de Partij voor de Dieren.

Maar ja, wat moet je met al dat nieuws, als je net vader bent geworden. Weinig, zeg ik u. Er zijn belangrijkere zaken in de wereld. Evi, bijvoorbeeld.

dinsdag 27 mei 2008

Advertenties

Regelmatig verschijnen er nieuwsberichten waar ik weemoedig om moet lachen. Onderstaande is er zo een. Misschien heeft u het al gelezen op nu.nl, jammer dan.
-----------------

HAARLEM - Nederlandse huishoudens zonder 'nee/nee-sticker' kregen vorig jaar bij elkaar meer dan 12,5 miljard reclamefolders over zich uitgestort. Dat is 5,9 procent meer dan het jaar ervoor.

Bedrijven gaven daar 666 miljoen euro aan uit, blijkt uit cijfers die dinsdag op de Nationale Dag van de Brievenbusreclame worden gepresenteerd.

Een gemiddeld huishouden ontvangt nu iedere week 36 folders in de bus, tien meer dan vijf jaar geleden. In de maand december waren het zelfs 46 folders in een week. We gaan gemiddeld 36 minuten in de week met de folders op schoot zitten, dat is een toename van zeven minuten ten opzichte van vijf jaar geleden.

Het grootste deel van de mensen (42 procent) bekijkt folders voor de aanbiedingen, een steeds grotere groep leest ze puur voor de ontspanning (29 procent). Vooral jongeren relaxen graag met een reclameblaadje in de hand.

Acht op de tien mensen geeft aan blij te zijn wanneer een nieuwe stapel op de mat ploft. Zestien procent van de Nederlanders kan echt geen genoeg krijgen van aanbiedingen en nieuwe producten, de echte liefhebber bekijkt dan ook regelmatig folders op internet.

De deskundigen zijn het er niet over eens of het plafond van het aantal folders al is bereikt.

-----------------
Zo zie je maar weer. Ik kan wel vloeken en tieren over de scheepslading ongevraagde reclametroep die ik binnen krijg via de brievenbus (zo'n nee/nee sticker helpt alleen tegen hoger opgeleide bezorgers), de televisie (leuk, zo'n filmdrama dat net op het moment dat het zoontje van de hoofdpersoon in zijn armen een wrede dood is gestorven, onderbroken wordt door reclame voor de nieuwste antirimpelcrème. Je zou de regisseur eens moeten vragen of dat z'n bedoeling was), of de radio (ik beschouw de beursoverzichten die ieder kwartier op Arrow worden herhaald ook als reclame. Alsof die 0,1% stijging überhaupt statistisch significant is), maar er zijn dus een hele hoop Nederlanders die iedere ochtend vol verwachting de stapels in plastic ingepakte folders uitpakken. Ook zoiets, die plastic omhulsels. Het zal vast wel recyclebaar plastic zijn dat om het recyclebare papier zit, dat gedrukt is met recyclebare inkt in recyclebare fabrieken door recyclebare werknemers. Laat u toch niks wijsmaken. Boycot die troep!

woensdag 7 mei 2008

Bomen zijn net mensen

Nu de lente de wereld in bloei heeft gezet, wordt de stad door uitbundige bloesem versierd. Je moet wel een plank zo dik als een boomstam voor je kop hebben, als je nu niet ziet hoe mooi een boom eigenlijk is.

Ik ben al van jongs af aan een grote bomenliefhebber. De majestueuze verschijning van een oude eik of een volwassen beuk prikkelt mijn zinnen als suiker op mijn tong. Aan alles merk je dat een boom leeft. Zijn wortels zoeken kronkelend een weg tussen de stoeptegels, de bast kraakt en steunt onder het gewicht van een volle kruin, die elke dag van kleur en vorm verandert. Ze leven, ze groeien, en als ze oud zijn, dan hangen hun takken en rimpelt hun huid. Het zijn wat dat betreft net mensen.

Maar ze hebben geen stem en kunnen niet schreeuwen als hen pijn wordt gedaan. Ze hebben evenmin benen waarmee ze weg kunnen rennen wanneer de rooiers komen. In de afgelopen vier maanden zijn in Nederland al meer dan honderdduizend bomen gekapt. Stelt u zich eens voor, dat zijn er evenveel als er mensen wonen in een gemiddelde Nederlandse stad.

En waarom? Omdat we zo weinig respect hebben voor het leven. Ik geef u twee schrijnende voorbeelden uit het verleden.

In een kleine gemeente in de Betuwe stond ooit een eeuwenoude eik midden op het dorpsplein. Niemand wist hoe oud de boom precies was, maar hij was zo hoog dat hij boven alle daken uittoornde. Op een dag is deze boom omgezaagd. Als een dief in de nacht had de gemeente de opdracht hiertoe gegeven, ondanks de nog lopende bezwaarprocedure. De reden voor de kap was deze: de verkoop van nieuw gebouwde luxueuze appartementen aan het kerkplein stagneerde. Volgens de projectontwikkelaar kwam dit doordat de grote boom het vrije uitzicht op het plein ontnam. Kappen dus, die boom.

En wat te denken van het bos bij Schinveld? Acht hectare bomen, met vogels, eekhoorns, en af en toe een das. Maar een Navo-commandant van een vliegbasis van net over de grens klaagde dat zijn spionage-toestellen – roestige relikwieën uit de tijd van de koude oorlog – bij de landing last hadden van al die bladeren en takken. En dus werd, nadat het leger lastige aktievoerders had verwijderd, het complete bos gerooid. Dat later bleek dat ook hier de kap illegaal was, daarmee komen de bomen niet terug. Het zijn wat dat betreft net mensen. Eenmaal dood, altijd dood.

Een fraai staaltje emotionele hypocrisie heeft de Anne Frank boom voorlopig gered. Het is mooi dat ie er nog staat, maar die boom is ziek en gaat binnen een paar jaar dood. Waarom dan zoveel moeite, tot aan de rechter toe, terwijl dit jaar in het Bijlmerpark achteneenhalf duizend bomen zonder pardon worden gekapt, in het kader van een of andere herindeling? Het is jammer dat Anne Frank niet op een bos uitkeek.

Ik ben ervan overtuigd dat iedereen van bomen kan houden. Dat klinkt misschien zweverig, soft, of onbenullig, maar dat is het niet. Ieder mens is namelijk gehecht aan alles wat leeft, simpelweg omdat de aarde net zo zeer uw baarmoeder is geweest als de spier in de onderbuik van uw moeder. U hoeft van mij geen bomen te gaan huggen. Die lelijke spar in uw tuin mag best om. Maar als uw hart net zoals het mijne wordt geraakt door de schoonheid die de lente in de natuur heeft doen ontluiken, dan zou u wellicht eens kunnen proberen om een boom net een beetje meer als een mens te behandelen. Want het zijn net mensen, die bomen.


U kunt een steentje bijdragen aan het behoud van onze bomen door het kappen te melden op deze website: http://vroegevogels.vara.nl/Kappen.274.0.html.

En kijk ook eens hier: http://www.bomenstichting.nl/index.asp.

maandag 14 april 2008

Mannen aan het bier

“Je weet tegenwoordig ook niet meer wat echt is en wat niet, bij die vrouwen. Het lijkt soms wel alsof ze allemaal naar de plastisch chirurg zijn geweest. Als ik op een terasje zit en ik aanschouw de parade van langslopend winkelvolk, dan zie ik overal dikke tieten, volle lippen, en rimpelloze taarten. Ik raak er helemaal van in de war, ik weet niet wat ik moet geloven.”

“Je ziet dat toch zo, als het nep is.”

“O ja? Ik niet hoor. Vaak genoeg komt er een setje memmen voorbij, en heb ik geen idee of ze echt zijn, of nep. Echt, geen idee.”

“Ik zal het je vertellen. Neptieten staan altijd onnatuurlijk vooruit, daar kan je ze aan herkennen. Alsof ze als marionetten door onzichtbare draadjes aan de tepels omhoog worden gehouden.”

“En opgespoten lippen?”

“Da's nog eenvoudiger. Dan zie je meteen dat de verhoudingen zoek zijn. Als de lippen verder uitsteken dan de neus. Alsof ze zeg maar een paardebek heeft.”

“Ja ja. Nou, ik heb me vaak genoeg vergist. Althans, dat vermoed ik. Je weet het natuurlijk nooit zeker.”

“Maakt het uit dan?”

“Natuurlijk! Ik wil toch geen nepvrouw?! Lijkt me vreselijk, zoenen met van die dikke neplippen, of spelen met ballen van plastic.”

“Ach, dat valt wel mee hoor. Heb je slechte ervaringen dan?”

“Nee, gelukkig niet. Tot nu toe heb ik ze weten te vermijden. Hoop ik. Jij?”

“Ik heb ze wel eens in mijn handen gehad hoor, die plastic jongens. Je voelt er niet zoveel van. Ze staan een beetje strakker dan normaal, je kan er niet te hard in knijpen. Maar verder, niks mis mee. Het oog wil ook wat, nietwaar?”

“Nou, mijn ogen niet. Ik snap niet waar die kerels op geilen. En ik snap al helemaal niet hoe die vrouwen zich zo gemakkelijk kunnen laten opereren. Het is toch een vorm van lichamelijke verminking, moderne automutulatie.”

“Verminking! Nou moet je niet overdrijven. Ze zien het gewoon als een manier om zichzelf mooier maken. Net als make-up, of dure kleren. Volgens mij is dat een heel natuurlijke drang, en zijn wij mannen de eersten om hen ertoe aan te zetten. Ze doen het allemaal voor ons.”

“Hmm. Je zal wel gelijk hebben. Misschien is mijn afkeer beroepshalve. Als dokter geloof ik liever in de natuurlijke versie van het lichaam, inclusief al haar tekortkomingen.”

“Veel plezier dan, als je straks oud bent.”

”Oud is niet lelijk. Hoop ik. Maar zeg eens, jij die het zo goed weet, wie van jouw vriendinnen had dan eigenlijk plastic tieten?”

“Eerlijk gezegd, geen van allen.”

“Ow?”

“Het was een hoertje, een grieks lellebelletje met een heerlijk kontje. Overigens kreeg ik pas door dat het neptieten waren, toen ik haar al betaald had.”

“Ha, een kat in de zak.”

“Een kat in de zak, plastic in de tiet. Ik had wel even de pest in toen ik het merkte, dat geef ik eerlijk toe.”

“Het is ook niet gemakkelijk, met al die nepperij.”

zaterdag 5 april 2008

Trots op Nederland

Er is al veel geschreven over de onzinnigheid van het concept Trots op Nederland, dat deze week door ijzeren Rita officiëel is gelanceerd. De meeste geleerden zijn het wel eens over het neofascistische karakter van een dergelijke beweging en over de leegte van populistische opvattingen in het algemeen. Rita windt er geen doekjes om: zij wil haar programma schrijven naar de wensen van de kiezers. Een andere manier om te zeggen dat je in het geheel geen eigen visie hebt. Tenzij je conservatieve xenofobie als ideologie wilt beschouwen, een stroming die zich tot doel heeft gesteld Nederland om te toveren in een goed bewaakt paradijs voor rijke ondernemers en andersoortig welvaartstuig.

Geen last meer van allochtonen met hun boerka’s en onverstaanbaar gejengel, geen last meer van ongeschoold gepeupel dat in de rij voor de voedselbank hun dagelijks voer haalt, geen last meer van milieumaatregelen die de grenzeloze groei van verkeer of industrie belemmeren. Heerlijk, nietwaar?

Populistische bewegingen als Trots op Nederland of Vrijheid voor Geert hebben de neiging het grootste deel van de werkelijkheid gemakshalve te negeren. Ze reduceren de wereld tot een begrijpelijk en kneedbaar fenomeen, waarover de mens met simpele maatregelen volledige controle kan krijgen. Een sausje van nostalgische romantiek over het aloude adagium ‘vroeger was alles beter’, en de collonnes gepeupel volgen je blind. Nijpende globale issues, ik noem het klimaatvraagstuk, de ongelijkheid tussen rijk en arm, of het feit dat er iedere seconde ergens een kind een sterft van de honger, daar kijken de populisten gemakshalve van weg. De wereld is niet groter dan je eigen achtertuin. En het lullige is, ergens hebben ze nog gelijk ook. Het is een aantrekkelijk standpunt. Je negeert de rest van de wereld, behalve wanneer deze in ons land voor problemen zorgt. In dat geval schop je de rest van de wereld er gewoon weer uit.

Een gemakkelijke oplossing, maar grenzend aan waanzinnige stupiditeit. Denk er maar eens over na. Daar waar de globalisering van de economie al lang een feit is, wil Wilders de euro per direct afschaffen. Lijkt me prachtig, dan gaan we weer met spelden en kralen ruilen. En zo zijn er wel meer oplossingen van Verdonk en Wilders die uitblinken in infantiele eenvoud. Dat zal ook wel die vijfendertig zetels verklaren die ze samen kunnen halen; domme oplossingen spreken domme mensen aan, en daar zijn er in dit land genoeg van.

Vandaag verscheen een overzicht van de ideeën van de aanhangers van Verdonk. Ik had hartelijk om de suggesties kunnen lachen als ze niet zo aartsfout waren geweest. Het probleem van de criminaliteit wordt opgelost door de doodstraf opnieuw in te voeren. De files verdwijnen nadat alle snelwegen minimaal zesbaans zijn geworden. Moslims mogen hun vrouw en kinderen niet meer naar dit land brengen, met een boerka de straat niet meer op, en geen nieuwe moskeeën bouwen.

Nou, daar kan Rita wel wat mee. Wilders ook, trouwens, het is wachten op een coalitie. Die waarschijnlijk meteen stuk zal lopen op hoe de doodstraf dan precies uitgevoerd moet worden. Ik stel mij zo voor dat Wilders in ieder dorp in Nederland naast dat goeie ouwe blauwe plaatsnamenbordje een boom wil zien met een opgeknoopte moslim met een boerka aan. Rita daarentegen voelt meer voor een dodelijke injectie, die ze af en toe zelf zal toedienen, ze komt tenslotte graag onder het volk.

En ik? Ik walg van deze repressieve terreurtaal. Trots op Nederland gaat zich helemaal niet inzetten voor het behoud van het Nederlandse karakter. Ik weet niet uit welk land u komt, maar ik ben in mijn Nederland opgegroeid met heel andere ideeën. Openheid en tolerantie jegens de medemens, hoe anders die ook is. Ruimdenkendheid en vooruitstrevendheid om de problemen van Nederland en van de wereld mee aan te pakken. Dát is Nederland ten voeten uit. Laat u niets wijsmaken door mensen die gedreven worden door angst en egoïsme.

Als het ooit zover komt dat gefrustreerde machtswellustelingen als Verdonk of Wilders het in Nederland voor het zeggen krijgen, dan pak ik per direct mijn koffers. Dan ga ik naar een land waar de menselijke waardigheden wél hoog in het vaandal staan. Denermarken, of Zweden, of misschien wel Amerika, als Obama daar president wordt. En ja, ik heb getwijfeld over België. België, want daar doen ze niet aan regeringen...

woensdag 2 april 2008

RTL Boulevard

Eén van de meest sneue programma's die ik op televisie ontwijk is RTL Boulevard. Albert Verlinden met z’n bloemkolenneus praat honderduit over Georgina Verbaan die gesnapt is zoenend met een andere kerel. Naast Albert zit een misdaadverslaggever die duidelijk is uitgekozen op zijn profiel; zijn neus is nog groter dan die van Albert en vangt de aandacht een beetje weg. Dat hij blijkbaar ook nog iets te melden heeft, hoor ik al niet meer. Ik zap verder, terwijl ik me afvraag of mensen echt niets beters te doen hebben dan hun tijd te vullen met dit soort walgelijke onzin.
Hoeveel mensen zouden er naar kijken, een miljoen of wat? Als Britney Spears boodschappen gaat doen wordt ze omsingeld door jounalisten en fotografen die haar tot uiterste wanhoop drijven en, net als Lady Di, de vernieling in helpen. En waarom? Omdat er geld mee verdiend wordt. En dat is het erge eraan. Want ik snap werkelijk niet hoe het zover heeft kunnen komen. Wat is er in vredesnaam nou zo interessant aan de boodschappentas van mevrouw Spears, of de nieuwe liefde van mevrouw Verbaan? Ik heb wel andere dingen aan mijn hoofd, het zal mij aan m'n reet roesten wat die omhoog gevallen poppetjes in hun vrije tijd uitspoken.
Maar de bladen verkopen en Albert heeft zijn trouwe schare kijkers. Er zijn blijkbaar genoeg mensen die het niet met mij eens zijn. Zoiets heet: "er is een markt voor", en dat vergoeilijkt alles in deze maatschappij. Maar als het aan mij ligt, dan zouden die mensen zich eens moeten afvragen waar ze eigenlijk mee bezig zijn. Zouden hun levens misschien zó leeg zijn, dat ze het willen vullen met de levens van anderen?

Ach nee, joh, zegt mijn vriendin dan, wind je niet zo op. Het is slechts een vorm van onschuldig vermaak waar je niets achter moet zoeken. Maar dat is mij te simpel, kritisch als ik ben. Want ik noem dit niet onschuldig. Niet wanneer er kwaadwillenden achter zitten, het type volk dat uit is op macht en rijkdom. Dat zijn de mensen die er vroeger voor zorgden dat onschuldige dorpsbewoners op grond van achterbakse geruchten aan een hoge boom werden opgeknoopt; nu vergaren ze hun geld door andermans privéleven te verkopen en hen zo, in ieder geval figuurlijk, om zeep te brengen. Daar is niks onschuldigs aan. En al die onschuldige mensen die er naar kijken of de roddelbladen kopen, die piepen wel anders wanneer zíj ineens het slachtoffer zouden zijn van sluipfotograaf van Tellingen of kwallenkoning Verlinden.

Het is gemakkelijk om je als mens te verschuilen achter een illusie van onwetendheid terwijl je eigenlijk gewoon een moment van luiheid en slapte hebt. Ik ken het gevoel, ik lees ook de Story uit de leesmap als ik op mijn frieten wacht. Het vergt een zekere mate van discipline om je aan je principes te houden en niet als een blinde vlieg op de stront af te komen die de wereld je voorzet. Stront, die alleen maar gemaakt wordt om geld mee te verdienen. Over de ruggen van anderen, over de rug van u. Wilt u daaraan mee blijven doen? Nou, ik niet!

donderdag 27 maart 2008

Homo mobilis

Toen Nathan B. Stubblefield in 1908 het patent op mobiel bellen aanvroeg, had hij niet kunnen bedenken hoe de homo mobilis er honderd jaar later uit zou zien.

Het is kwart over acht als ik de deur achter me dicht trek en op mijn fiets stap. Het duurt niet lang voordat ik de eerste huppeltut (type opgemaakte zonnebank, leren naaldhakken en overdreven merkjas) met een telefoon aan haar oor zie lopen. Al snel spot ik een tweede, bij de bushalte wacht een derde. Bij de Vodafone steekt een auto het fietspad over, achter het stuur een donkerharige griet, natuurlijk bellende. Even verderop komt een Indonesisch ogend meisje met overgewicht me tegemoet rijden op haar scooter met een telefoon aan haar helmloos oor. Iedere dag weer.

Het zal u niet onbekend in de oren klinken, dames die verslaafd zijn aan mobiel praten. Ter lering: deze soort heet beldoos (m/v), van de familie homo mobilis. Een gevaarlijke soort die explosief aan het groeien is.

Steeds weer vraag ik me af wat die vrouwen toch allemaal te bespreken hebben. Ik bedoel, ze zijn net wakker, de dag is nog geen uur oud. Hoeveel heb je dan te melden? Helemaal niks waarschijnlijk. Ze kleppen dezelfde nutteloze onzin als ze lezen in de glossies en de roddelbladen, en genieten met volle teugen.

En dat is misschien ook de reden dat het ze geen donder kan schelen dat iedereen meeluistert. Waar je vroeger je privéleven toch vooral privé wilde houden, gooit men het tegenwoordig zonder blikken of blozen op straat, of in de treincoupé. Voor een beldoos maakt het allemaal niet uit, als ze maar kan kleppen.

Als de dag er op zit, wandel ik naar m’n fietsje. Dan voltrekt zich een boeiend ritueel: de klaar-met-werk-beldozen worden wakker. Ze weten niet hoe snel ze hun telefoon tevoorschijn moeten halen zodra ze de eerste stap buiten hebben gezet. Terwijl ze worstelen met een tas en een sleutelbos in de ene hand, is met de andere de telefoon al opgestart. Het is overigens niet eenvoudig, eenhandig uitparkeren of een headset aansluiten terwijl je een gaspedaal indrukt. Multitasken is dan ook een van de sterke eigenschappen van de homo mobilis.

Recent onderzoek van verzekeraars heeft laten zien dat de eerste minuten van het telefoongesprek het meest interessant zijn. De aandacht voor de omgeving, in dit geval het verkeer, is dan namelijk minimaal. Dus pas ik extra op voor beldozen terwijl ik naar huis fiets.

Onderweg ontwijk ik enkele fietsers die als dronken torren over het fietspad slingeren. Ik zie hun karakteristieke houding van een afstandje, ik weet genoeg. Een sms-fietser. Eén hand aan het stuur en hoofd omlaag in plaats van naar voren. Een levensgevaarlijke belsoort met bovendien suïcidale neigingen.

Gisteren ontmoette ik bij de kassa van de appie voor het eerst de lak-aan-alles-beldoos. Niet tussen de rij klanten, dat zijn de aso-beldozen, maar nu het kassameisje zelf, die een telefoon tegen haar oor klemde en er vrolijk op los bebte terwijl ze mijn boodschappen langs de scanner trok. Tussen neus en mobieltje door vroeg ze of ik een bonuskaart had. Gewoon AH, dacht ik. Gewoon bellen, dacht zij.

En zo zijn er nog talloze andere soorten homo mobilis. Ik noem de treinbeldoos (“ik zie je over vijf minuten, maar ga toch nu al lekker ouwehoeren”), de zakelijke beldoos (“wacht even, er is iemand op de andere lijn”), de compulsieve sms-doos die iedere minuut haar telefoon controleert op nieuwe berichten, de vergader-beldoos (“Ik bel je zo terug, ik zit nu in een vergadering” - ZET HEM DAN NIET AAN), en die paar pseudobeldozen waarvan ik er een ben, mensen die iedere maand de helft van hun beltegoed ongebruikt betalen. Ook niet slim.

Zoals het de evolutie betaamt, staat de volgende generatie al klaar. Kinderen van negen hebben een mobiele telefoon, zodat hun ouders hen kunnen bellen, wanneer ze willen weten waar hun kroost uithangt. Deze beldooskinderen kopen ringtones en smsjes en bouwen een schuld op nog voordat ze weten wat dat überhaupt is. Op dit moment heeft de helft van alle Amerikaanse kinderen van tien een mobieltje. Het zal niet lang duren voordat dit in Europa niet anders is. De homo mobilis neemt gestaag de wereld over!

maandag 10 maart 2008

Terug van vakantie...

Net terug van een heerlijk relativerende vakantie, kan ik weer eens lekker met mijn columnkanon in het wilde weg schieten. Wat viel me het meeste op toen ik een voet buiten Schiphol zette? Niet de regen, niet het platte volgebouwde land, maar de stank. De geur van uitlaatgassen hangt als een deken over ons land, zo sterk en zo compleet dat je er aan went en het vergeet, net als ieder ander achtergrondgeruis waarmee wij ons leefomgeving vervuilen.

Gelukkig is er nog het voetbal, dacht ik, maar dat werd wederom door de inmiddels volstrekt ongeloofwaardige politiebonden om zeep geholpen. Met een bod van tien procent erbij mogen ze in hun handen knijpen, van mij zouden ze niks krijgen. Van de vijf aangiftes die ik heb moeten doen, barre tochten door een burocratische molen van ongeïnteresseerde dienstkloppers, heb ik nooit meer wat gehoord.

Maar de opgeblazen vakbondsmannetjes lieten het aan hun leden over om het bod af te keuren. Een laffe zet waarvan de uitkomst van te voren vast stond. In plaats van het akkoord te verdedigen, beschuldigden ze de minister van een verkeerde taktiek. Gaat het ze daar dan om? Is deze soap eigenlijk een ordinair machtsspelletje van gefrustreerde wegrestaurant-onderhandelaars tegen een minister met ballen? Het levert ze in ieder geval de steun van de immer hypocriete VVD op, de anti-vakbondspartij die überhaupt alle inspraakprocedures wil verbieden.

Ik heb het er helemaal mee gehad, en ik vermoed dat de volgende enquete van Maurice de Hond laat zien dat 67% van de Nederlanders het met me eens is. Overigens hoopt 72% van de Nederlanders dat de regering vroegtijdig zal vallen, vindt 77% van de Nederlanders de gemeentebelasting te hoog, en wil 91% van de Nederlanders sowieso meer geld. Het is hoog tijd voor een enquete ‘Heeft u behoefte aan de enquetes van Maurice de Hond’ en dan maar hopen dat 95% ‘nee’ zegt.

Next: Geertje Wilders. Die wordt op zijn wenken bediend nu opgefokte Islamieten laten zien hoe intolerant de Koran wel niet kan zijn. Toch vreemd, terwijl onze jongens in Uruzgan hun leven wagen, scandeert een menigte in Kabul ‘dood aan Nederland’ en steken ze de fik in onze nationale driekleur. Maar je moet niet zomaar geloven wat je op televisie ziet. De hevige rellen na de verkiezingen in Kenia bijvoorbeeld hadden een diepere laag: de meesten waren tot in de puntjes toe georganiseerd door fanatieke rascisten en rijke industrielen die de politieke onrust en verdeeldheid gebruikten om nog machtiger of rijker te worden. Maar onze media laten zich makkelijk misleiden (of wij door hen), lees het boek van Luyendijk er maar op na. Dan leer je de 160 dode Palestijnen en 8 Israëlische in een ander perspectief plaatsen, in ieder geval niet in het perspectief dat de amateuristische Palestijnse media en de geöliede Israëlische oorlogspropaganda u geeft.

En wat te denken van Björk? Deze zweverige zangeres scandeerde ‘Tibet! Free Tibet!’ tijdens een concert in China - je moet toch wat om de boel op te leuken - en prompt kondigde de Chineze regering maatregelen aan tegen popsterren. Ze had immers de wet overtreden en op een miljard Chineze zielen getrapt. De Westerse hypocrisie zal deze zomer haar hoogtepunt bereiken met de grootste steek-je-kop-in-het-zand recordpoging ooit. Waar in Europa aan de zoveelste spirituele ken-jezelf golf weer flink door pseudopsychologen van het nivo Sonja Bakker wordt verdiend, gaat China vrolijk verder met de assimilatie van een land dat spiritueel bij ons misschien wel het hoogst in aanzien staat. En als een bekende Nederlander er iets van zegt, wordt hij even makkelijk afgeserveerd als Gretta Duisenberg, de trouwe voorvechtster van de vergeten Palestijnse rechten.

Het was dus een lekker weekje voor me. In plaats van me op te winden over al deze onzinnige spelletjes die de politiek met haar bevolking speelt ter meerdere ere en glorie van haarzelf, genoot ik van de zon die 's avond in de zee zakte alsof er niets aan de hand was. Ik wentelde me in gelukzalige onwetendheid, kon dat maar eeuwig duren. Helaas.

Overigens staat de volgende vakantiebestemming al weer vast. Je kan er eigenlijk niet onderuit, zoals dit filmpje laat zien…

donderdag 28 februari 2008

De Boerkini's

Beste lezers, u heeft wat langer dan gebruikelijk moeten wachten op mijn scherpzinnige analyse van de hedendaagse maatschappelijke problematiek. Om de een of andere reden had last van een gebrek aan inspiratie. Wellicht ben ik na de zware carnaval aan vakantie toe. We zullen het weldra merken, want morgen vliegen we naar La Palma om eens lekker te genieten van de zon, de zee, en de bergen.

Hetgeen mij overigens hoongelach opleverde, ik als overtuigd linkse milieu-idealist die in de winter even naar de kanarische weilanden heen en weer vliegt. Dat is het lot dat ons critici wacht: je moet welhaast een heilige zijn om je geloofwaardigheid te behouden. Gelukkig hebben ze hier het ‘praktisch idealisme’ voor uitgevonden. Google het maar eens op.

Ik had het met u willen hebben over de Boerkini’s, de inmiddels beruchte cabaretgroep (winnaar van het Leidse cabaretfestival) die tijdens een optreden in Zwolle door een dolle menigte in zwemkledij met rotte tomaten werd bekogeld. Of waren het asielzoekers uit Boerkina Fasso, zogeheten Boerkini Fassies, die vanwege hun gebrekkige watertrappeltechniek collectief verzopen en aan hun lot werden overgelaten?

Nee, helaas. Het ging om een moslima. Het zal ook eens niet. Ik heb het al vaker opgemerkt: de voedingsbodem voor fascisme is in dit land vruchtbaarder dan u denkt. In Zwolle is men, zogezegd, nog niet klaar voor de boerkini. Er schijnen mensen aanstoot te nemen aan dit total-body zwempak. Op zich is dat ieders goed recht, hoe bekrompen ook. Voor het openbare zwembad van Zwolle is het zelfs een valide argument om iemand in hun wateren te weigeren. Dat is goed nieuws. Ik neem namelijk aanstoot aan zo ongeveer iedereen en verwacht dan ook bij mijn volgende zwemuurtje een leeg bad. Kan ik eens lekker om me heen spetteren.

Het gemak waarmee de directie de beslissing nam en de moslima naar zwemtijden buiten kantooruren verwees, waar in Zwolle ook de zwaarlijvigen, stringhomofielen, en naaktzwemmers toe worden veroordeeld, doet vermoeden dat de directeur geen enkel begrip heeft van tolerantie of respect voor andersgezinden. Hij had waarschijnlijk niet eens in de gaten dat hij zich op wankel ijs begaf. Dat de man zich diep zou moeten schamen, vond gelukkig half Nederland ook. Er verschenen verschillende goede columns, zodat die van mij mosterd na de maaltijd werd. De badmeester moest schoorvoetend zijn ongelijk toegeven. De moslima kreeg gratis reclame bij Pauw en Witteman, die overigens niet verder kwamen dan enkele goedkope grappen en provocerende anti-Islam opmerkingen. Want ook al zeg je als moslimvrouw dat je vrijwillig die hoofddoek (of boerkini) draagt en er geen enkel probleem mee hebt, dan nog zullen pseudoprogressieve journalisten als P&W de Islam beschuldigen van onderdrukking van de vrouw.

Wij daarentegen dragen de vrouwen in onze kapitalistische maatschappij op handen. Wat te denken van de 1,6 miljoen dollar die mevrouw Lopez krijgt voor de foto’s van haar vers uitgepoepte tweeling. Daar moet ik twintig jaar voor werken. Of de wandelende junk Whitehouse die haar eigen kledinglijn begint van afgeragde spijkerbroeken en t-shirts met kots. Leeghoofdhoer Hilton die opnieuw een eigen reality-show begint. De bedragen die de dames voor deze volstrekt nutteloze pulp krijgen lopen hoog op, ik ben stinkjaloers. Maar de commercie bepaalt de waarde van het geld, of je nou rotzooi maakt of iets moois. En dit dogma heeft het maatschappelijke moreel onthoofd. Zoals gezegd: geld heeft waarde, maar geen norm.

En misschien is dát wel de reden waarom mensen zoeken naar houvast bij extreem-rechtse en christelijke midden partijen. Het collectieve begrip van wat we goed en slecht vinden is zoek en dus vervallen we in protectionistische angstbeelden en agressieve zelfverdediging. Relativeren is bijna een vies woord geworden, we nemen alles bloedserieus. En dat terwijl juist daar de oplossing ligt. Ik las gister een leuke column waarin beschreven werd hoe wij in het begin van de vorige eeuw massaal in boerkini’s op het strand van Scheveningen lagen, en schande spraken van de weinig verhullende zwemkledij die de mode wilde introduceren. Zie daar, de omgekeerde wereld.

Ik wens mijzelf een plezierige en relativerende vakantie toe. Tijd genoeg om na te denken over dat andere wereldnieuws: de verlosser is in Amsterdam aangekomen...

vrijdag 8 februari 2008

Joran van de zeven Sloten tegelijk

Het is toch wat met die televisie. Volgens een recente meting kijken we gemiddeld drie uur per dag, en meestal naar de grootst mogelijke pulp. Heerlijk, want daar hoeven we niet bij na te denken. En dat doen we graag, niet nadenken.

Behalve politici natuurlijk. Die raken meteen opgewonden over (of van, als je niet religieus gecastreerd bent) gedateerde porno op het publieke kanaal. Dat terwijl commerciële zenders iedere nacht schaamteloos blote meisjes per telefoon verkopen zonder dat hen een strobreed in de weg gelegd wordt. Eerlijk gezegd mag ik dat wel, zo’n Christelijke moralist die het laatste bastion verdedigt waar het fatsoen nog niet geheel aan de commercie is opgeofferd.

Dat laatste werd zondag weer eens duidelijk, toen zeven miljoen Nederlanders zich schaamteloos vergaapten aan de publieke berechting van Joran van der Sloot. Topreporter PeterR, die in zijn vrije tijd het liefst ex-pedofielen stalkt, maakte de klapper van zijn leven door willens en wetens de regels van onze rechtstaat aan zijn laars te lappen. En tot mijn verbazing lijkt de overgrote meerderheid van die zeven miljoen kijkers dit helemaal geen probleem te vinden. Het levert immers spannende televisie op!

Niet voor niets is iemand in onze rechtspraak onschuldig tot het tegendeel bewezen is. Bescherming van de rechten van het individu heeft de opsporingsmethoden bovendien afgebakend. PeterR voelt zich als journalist niet gebonden aan deze regels. Als het nodig was geweest, had hij op z’n Guantanamo Bayaans een bekentenis uit Joran gekregen. Had u dat ook geaccepteerd? Vast, want iemand's kop drie minuten onderdompelen in een emmer koud water levert mooie beelden op.

Daarnaast is het maar zeer de vraag of de tapes gebruikt kunnen worden in een proces tegen Joran. Sterker nog, door het verkrijgen van bewijs op een onrechtmatige manier kan de rechtsgeldigheid van dat bewijs voorgoed verloren gaan. Advocaat Anker zei het mooi: de uitzending was juridisch weinig interessant, maar heeft voor veel maatschappelijke beroering gezorgd.

En of. Ik vermoedde wel dat we in dit land tot spontane lynchpartijen in staat zijn, ik had alleen niet verwacht dat het van de Friezen zou komen. Die arme Johan uit Drachten waarschijnlijk ook niet. Zie hier waarom onze rechtstaat de bescherming van het individu hoog in het vaandel heeft staan.

Het meest merkwaardige vind ik nog wel dat iedereen ineens Joran lijkt te geloven. De paradox van een pathologische leugenaar die zegt ‘ik spreek de waarheid’ krijgt blijkbaar een extra dimensie als we stiekem mee kijken. PeterR kan zich niet voorstellen waarom een aartsleugenaar, zo stoned als een garnaal, tegenover een crimineel in een patserbak een lulverhaal zou ophangen.

Ik wel. Volgens mij doet hij gewoon stoer. Natuurlijk heeft hij iets met de verdwijning van die Amerikaanse huppelkut te maken, maar ik zou denken dat een onbetrouwbaar sujet in een dergelijke setting eerder een verzonnen of sterk aangedikt verhaal vertelt, dan de waarheid. Ik bedoel, hoe denk je dat je overkomt bij een crimineel in een Range Rover die al rijdend joints draait, als je zegt dat je van angst in je broek hebt gepist, huilend bent weggerend, en de hele nacht rillend onder je bed hebt gelegen?

Maar televisiekijkend Nederland lijkt hem te geloven als ware hij een engel. Als Joran had gezegd dat ie lul van dertig centimeter had en Natalee al pijpend was gestikt (gevaltje van throat niet deep genoeg) dan had men het ook geloofd. Tuurlijk.

Gelukkig komen er steeds meer barsten in het beeld. Lijkendumper Daury heeft een ijzersterk alibi, het eerste leugentje komt sneller dan het lichaam van Natalee boven water. Bovendien werden de randen van Joran’s oren steeds roder en likte hij frequent zijn lippen, tekenen die volgens enkele Nederlandse pokerpro’s wijzen op een bluf.

Ik weet genoeg. Zeven miljoen mensen zijn met open ogen in een spannende leugen getrapt omdat PeterR ze deze briljant heeft verkocht. Als ik Wilders was wist ik wel wie ik in zou huren voor m’n volgende koranfilm.

Maar wie pas echt slim zijn, zijn wij Maastrichtenaren. Want terwijl zeven miljoen Nederlanders zich door Joran en PeterR in de luren lieten leggen, stonden wij met een lekker pilsje in de hand op het Onze Lieve Vrouw plein. Want wij laten ons niet gek maken. Alaaf!