Om de zinnen te verzetten kom ik deze week niet met een column voor de dag. Ik zou natuurlijk kunnen ageren tegen de verdere verrechtsing van het land, nu de conservatieve geloofsrakkers het laatst overgebleven restje links anarchisme wettelijk willen verbieden.
Ik heb het over het kraken, een grotendeels onschuldige bezigheid die voorziet in de woonbehoefte van veelal intelligente andersdenkende jeugd en, en passant, de schrikbarende leegstand van kantoren en gemeenschapsgebouwen aan de kaak stelt, die vaak het gevolg is van speculerende onroerend goed ratten. Dat het er bij een ontruiming niet altijd even beschaafd aan toe gaat, juicht de ME alleen maar toe. Daarvoor zijn ze tenslotte bij de ME gegaan.
Maar de regering gaat met een nieuwe wet komen die kraken strafbaar stelt en tegelijk de leegstand wil aanpakken. We weten allemaal hoe zoiets afloopt. Enerzijds heeft een van hogerhand ingesteld verbod meestal een averechts effect, zeker wanneer het verbod alternatieve of radicale elementen treft en al helemaal wanneer het bedacht is door een stelletje bekrompen burgerlijke zondagsbelijders. Anderzijds zijn de gemeenten wel de laatste aan wie je leegstandbeheer wil overlaten; het is nou juist door hún lakse nalatigheid dat die panden überhaupt zolang leeg staan.
Een typisch gevalletje van kleinzielige overheidsregulatie dus. En het komt niet eens van de PVDA. Maar goed, zoals gezegd, ik zal er niet te veel woorden aan vuil maken. Ik heb namelijk iets anders voor u. En wel dit: de short list van de Booker Prize. Ter info: de Booker Prize is de Oscar of de Pullitzer voor de literatuur.
Het leek me wel aardig om de nominaties met u te delen. Ik weet niet hoe het u vergaat, maar ik vind het moeilijk om een goed boek te vinden dat niet in de vorige eeuw (of daarvoor) geschreven is. Boeken als Tirza en Joe Speedboot zijn aardig gestileerd maar tuimelen van mijn boekenplank af vanwege een gebrek aan inhoud. Het populaire ‘Nachttrein naar Lissabon’ is in mijn ogen een draak van een roman en alleen geschikt voor mensen die al way beyond hun midlife crisis zijn. En over de grootverdieners zal ik zwijgen behoudens de opmerking dat, voor wat betreft schrijfstijl, boeken als ‘de Vliegeraar’, ‘Komt een vrouw bij de dokter’ en de onvermijdelijke ‘Da Vinci Code’ niet in aanmerking komen voor het predikaat ‘Literatuur’ maar thuishoren in de categorie ‘Pulp’. Alwaar zij overigens een niet onverdienstelijke indruk achterlaten.
Ik hoop derhalve dat de nominaties van de Booker Prize mij een uitweg uit de literaire misère zullen bieden. Zo niet, dan zijn er nog wat Hemmingways en Borges te lezen en misschien begin ik nog eens aan Tolstoi’s tour de force ‘Oorlog en Vrede’, een tip van mijn vader. Maar eerst deze dus:
- The White Tiger van Aravind Adiga
- A Fraction of the Whole van Steve Toltz
- Child 44 van Tom Rob Smith
- A Case of Exploding Mangos van Mohammed Hanif
- The Enchantress of Florence van Salman Rushdie
- Sea of Poppies van Amitav Ghosh
- The Secret Scripture van Sebastian Barry
- From A to X van John Berger
- Netherland van Jospeh O'Neill
- The Lost Dog van Michelle de Kretser
- The Clothes on their Backs van Linda Grant
- The Northern Clemency van Philip Hensher
- Girl in a Blue Dress van Gaynor Arnold
Gaan er belletjes bij u rinkelen? Bij mij niet. Ik ken alleen Rushdie, de literaire terrorist. Ik ben ooit begonnen aan zijn duivelsverzen maar ik kwam er niet doorheen. Het zal vast een prachtig boek zijn maar naar mijn smaak te veel geouwehoer op de vierkante centimeter. Z’n nieuwe sla ik dus maar even over.
Ik heb inmiddels uitgevogeld dat ik ga beginnen met A Fraction of the Whole, de debuutroman van een Australiër uit mijn leeftijdscategorie die scherp, grappig en sarcastisch is, als je de recensies moet geloven. Nu maar hopen dat de boekhandel hem verkoopt voor een prijs die niet te ver af ligt van de zeventien dollar die Amazon.com er voor vraagt.
Overigens las ik in een interview met Steve Toltz (de auteur) dat hij vier jaar over het boek gedaan heeft. En alles wat hij in het eerste jaar had geschreven, heeft de schifting niet overleefd. Zoiets zet mijn eigen brouwsels in een aardig perspectief. Schrijven is een ambacht dat je leert door het veel te doen. En dan maar hopen dat je talent hebt. Als het goed is, hebben bovenstaande schrijvers dat in ieder geval wel.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten