donderdag 24 januari 2008

Kindertjes toch...

Afgelopen week ontstond ophef over een youtubefilmpje waarin te zien was hoe kansloze brommerjeugd een mentaal minder bedeelde soortgenoot fysiek nogal grof mishandelden, en nog eens hard om kon lachen ook. Geïnterviewde volwassenen spraken er verbijsterd schande van, en in studio 1-vandaag ontspon zich een zinloos gesprek over de censuurplicht van youtube of internetproviders.

De jongeren zelf werden helaas buitenspel gezet. Gelijk aan de futiele pogingen om onze Westerse democratie aan Arabieren op te leggen, lijken we te verwachten dat onze morele waarden en normen passen in de belevingswereld van jongeren.

En dat terwijl gedegen wetenschappelijk onderzoek heeft laten zien dat de meeste adolescenten hun empathisch vermogen pas ná de pubertijd ontwikkelen. Een kind van tien of vijftien kan zich eenvoudigweg niet inleven in iemand anders en snapt daarom niet dat hij iemand kan kwetsen met een handeling waar hij zelf weinig last van heeft. Het zou een hoop zelfkwelling schelen als ouders dit wisten.

Het onderzoek verklaart in ieder geval wel waarom kinderen zo gemeen kunnen zijn. Keihard pesten is niemand vreemd, en natuurlijk zijn de zwakkeren het haasje. Giet er een sausje gewelddadigheid overheen – nog zo’n prettige menselijke eigenschap – en zie daar: ze slaan een mongooltje in elkaar. Of ze gooien stenen naar auto’s en treinen, om maar wat te noemen.

Het verklaart tevens waarom kinderen zonder scrupules of afkeer de meest bloederige computerspelletjes kunnen spelen, of gefascineerd kunnen kijken naar gewelddadige televisieseries en films. Die overigens in ruime mate op ieder tijdstip van de dag worden aangeboden. De tijd dat het A-team tien rondjes munitie leegknalde zonder een druppel bloed te doen vloeien is helaas voorbij.

Ik ben geen voorstander van de vanzelfsprekendheid van het geweld op de diverse schermen. Ik geloof best dat kinderen hiervan niet vriendelijker worden, dat is wetenschappelijk inmiddels ook wel redelijk onderbouwd. Maar dat sommige ouders niet inzien dat pesten, plagen, en knokken normaal kindgedrag is, getuigt vooral van naïeviteit.

Dat kinderen en empathie niet samengaan, wreekt zich bijvoorbeeld ook in films. U kent zo’n scène wel, wanneer een klein jochie met een serieus gezicht in prachtig nederlands zijn excuses aanbiedt, hij had het zo niet bedoeld, en hij snapt dat hij moeders veel pijn heeft gedaan. Braak. Een echt kind zegt zoiets alleen maar om ergens mee weg te komen.

Goed, kinderen zijn dus gevaarlijke etters. Welke opvoedkundige mogelijkheden zijn er eigenlijk voorhanden? Mijn eerste, waarschijnlijk primitieve, reactie was om die jochies opvoedkundig eens goed in elkaar te timmeren. Laat ze maar voelen wat er gebeurt als ze zich niet aan de regels houden. Je zou denken dat ze zo’n signaal nog wel kunnen snappen. Maar eerlijk gezegd zie ik mezelf, als aanstaande vader, niet zomaar mijn eigen kind een hengst verkopen. Dan is het wellicht ook niet helemaal jofel om kinderen van anderen te meppen.

Bovendien is er net een evaluatie van het Glen Mills instituut geweest, een kliniek voor jong tuig waar ze een op een Amerikaanse leest geschoeid conservatief heropvoedingsprogramma krijgen aangeboden. Volgens een ex-opvoeder betekende dat in ieder geval een flink potje fysieke repressie. Het recidiefpercentage van deze jongeren bleek rond de vijfenzeventig procent te liggen, dik boven de vijftig die met onze psychologische methoden wordt gehaald. Jammer, maar helaas.

Zonder eten naar bed dan? Twee weken huisarrest, vier weken een computerverbod? Moderne opvoedmethoden schrijven een serieus gesprek voor, waarin je aan je kind uitlegt waarom hij een mongooltje niet moet slaan. Ik zie het eerlijk gezegd niet gebeuren, zo’n gesprek.

Gelukkig groeien de meesten er wel weer uit, als ze eenmaal een beetje empathie ontwikkelen. Als je daarnaast als ouders zorgt voor een stabiele omgeving, dan zal de kans dat je kind op het criminele pad belandt vast niet zo groot zijn. Daaarom is volgens mij de oplossing voor het probleem waarmee ik deze column begon heel eenvoudig: slachtofferhulp voor de ouders. En, uiteraard, voor iedere mongool een helm. Want geslagen worden ze toch.

dinsdag 15 januari 2008

Een politiestaat van niks

Het zou zo maar kunnen zijn dat ik, vanwege het plaatsen van deze opruiende beeltenis, vanavond bruut uit mijn bed word gelicht en de nacht in een politiecel moet doorbrengen. Althans, dat dacht ik gisteren. Inmiddels heeft het nieuws me achterhaald en is ook het openbaar ministerie tot de conclusie gekomen dat dit soort posters tóch onder vrijheid van meningsuiting vallen.

Zo gaat dat dus in dit land. De ene dag staakt de politie, de volgende dag pakken ze je op als je vreedzaam demonstreert, en nog een dag later blijkt dat ze dat helemaal niet hadden mogen doen. Was dan lekker blijven staken.

Overigens ging het er uiterst lichtzinnig aan toe bij het opbreken van de demonstratie. Er werd wat heen en weer gepraat, hooguit zijdezachte dwang uitgeoefend, en de protestborden werden met zorg het busje ingeschoven. De demonstranten lieten het zich morrend welgevallen. Wel even wat anders dan een woedende menigte met molotov cocktails en brandende auto’s, laat staan een horde wilden die hun buren met kapmessen op straat fileert.

Wat dat betreft heeft onze politie het maar makkelijk. Hoezo salarisverhoging, denk ik dan. Omdat ons werk zo gevaarlijk is! beweren ze. Immers, drie keer per jaar koppen we stoeptegels terug naar voetbalsupporters, twee ker per jaar worden we voor homo uitgemaakt, en één keer per jaar loopt de jaarwisseling uit de hand. Gevaarlijk werk dus, reden genoeg om ons arme sloebers beter te waarderen.

Ga toch weg! roep ik dan. Of mag ik dat niet tegen een agent zeggen? Ik vind, als het werk je niet bevalt, kies dan een andere baan. Simpel zat. Bovendien, een hoop agenten vinden het juist wel lekker om die wapenstok af en toe te gebruiken. Even wat adrenaline door het lijf jagen, van al dat zitten word je alleen maar dik.

Een eerlijke vergelijking met banen uit hetzelfde opleidingssegment leert dat met een toeslag van 100 (voor een kantooragent) tot 200 (voor een straatagent) euro per maand de politiebeloningen weer geheel in de pas lopen. En dat is precies wat minister Ter Horst hen aanbiedt. Dat hun salaris daarmee nog bedenkelijk laag is en dat een gemiddelde lapzwans die níet voor de overheid werkt gemakkelijk het dubbele kan verdienen, daar kan de minister niets aan doen. Dat is slechts het gevolg van de scheiding van kapitalistische markt en solidaire overheid.

Maar ondanks het bod van Ter Horst weigeren de bonden terug aan tafel te komen en leggen ze als keffende bulldogs alle schuld bij de minister. Ik kan daar weinig begrip voor opbrengen. Het lijkt wel alsof ze het met opzet laten escaleren. Kijk ons een stoer doen, politie die staakt.

Uit protest tegen de politiestaking ben ik daarom deze week burgerlijk ongehoorzaam. Ik parkeer op invalideplekken, ik fiets zonder licht, en ik plas tegen een boom naast het politieburo. Ik ben alleen nog bang voor flitspalen, want ik weet niet of die ook staken. Ik zou het ze eens moeten vragen.

Nu ben ik van nature al geen vriendje van de lange arm der wet. Ik hecht veel waarde aan mijn eigen vrijheid en wat mij betreft heb ik van niemand last, zolang niemand last van mij heeft. Helaas wordt aan dit wederzijdse gedoogbeleid geknaagd sinds de zedenpartij weer aan de macht is. Identificatieplicht, lik-op-stuk beleid, homoscheldverbod, voor je het weet mogen we straks niet meer door oranje.

Daar heb ik overigens al eens eerder narigheid mee gehad. Ik scheurde ergens in de Bijlmer door een oranje stoplicht, daar waar een politiebusje op de afslaande rijstrook ernaast wachtte voor een rood stoplicht. En ja hoor, met zwaailichten kwamen ze achter me aan, hups, stopbordje omhoog, aan de kant. Stoere mannen met leren knuppels en bonneboekjes. Voor Paultje: vijftig gulden boete voor rijden door een rood stoplicht.

Dat ik natuurlijk nóóit door een rood stoplicht zou rijden als er een politiebusje naast stond, die logica ging de pet van deze dienders te boven. Het is lastig praten met agenten, ook al ziet een kind dat je gelijk hebt. Wellicht kan de minister daar eens wat geld stoppen.