Nu de lente de wereld in bloei heeft gezet, wordt de stad door uitbundige bloesem versierd. Je moet wel een plank zo dik als een boomstam voor je kop hebben, als je nu niet ziet hoe mooi een boom eigenlijk is.
Ik ben al van jongs af aan een grote bomenliefhebber. De majestueuze verschijning van een oude eik of een volwassen beuk prikkelt mijn zinnen als suiker op mijn tong. Aan alles merk je dat een boom leeft. Zijn wortels zoeken kronkelend een weg tussen de stoeptegels, de bast kraakt en steunt onder het gewicht van een volle kruin, die elke dag van kleur en vorm verandert. Ze leven, ze groeien, en als ze oud zijn, dan hangen hun takken en rimpelt hun huid. Het zijn wat dat betreft net mensen.
Maar ze hebben geen stem en kunnen niet schreeuwen als hen pijn wordt gedaan. Ze hebben evenmin benen waarmee ze weg kunnen rennen wanneer de rooiers komen. In de afgelopen vier maanden zijn in Nederland al meer dan honderdduizend bomen gekapt. Stelt u zich eens voor, dat zijn er evenveel als er mensen wonen in een gemiddelde Nederlandse stad.
En waarom? Omdat we zo weinig respect hebben voor het leven. Ik geef u twee schrijnende voorbeelden uit het verleden.
In een kleine gemeente in de Betuwe stond ooit een eeuwenoude eik midden op het dorpsplein. Niemand wist hoe oud de boom precies was, maar hij was zo hoog dat hij boven alle daken uittoornde. Op een dag is deze boom omgezaagd. Als een dief in de nacht had de gemeente de opdracht hiertoe gegeven, ondanks de nog lopende bezwaarprocedure. De reden voor de kap was deze: de verkoop van nieuw gebouwde luxueuze appartementen aan het kerkplein stagneerde. Volgens de projectontwikkelaar kwam dit doordat de grote boom het vrije uitzicht op het plein ontnam. Kappen dus, die boom.
En wat te denken van het bos bij Schinveld? Acht hectare bomen, met vogels, eekhoorns, en af en toe een das. Maar een Navo-commandant van een vliegbasis van net over de grens klaagde dat zijn spionage-toestellen – roestige relikwieën uit de tijd van de koude oorlog – bij de landing last hadden van al die bladeren en takken. En dus werd, nadat het leger lastige aktievoerders had verwijderd, het complete bos gerooid. Dat later bleek dat ook hier de kap illegaal was, daarmee komen de bomen niet terug. Het zijn wat dat betreft net mensen. Eenmaal dood, altijd dood.
Een fraai staaltje emotionele hypocrisie heeft de Anne Frank boom voorlopig gered. Het is mooi dat ie er nog staat, maar die boom is ziek en gaat binnen een paar jaar dood. Waarom dan zoveel moeite, tot aan de rechter toe, terwijl dit jaar in het Bijlmerpark achteneenhalf duizend bomen zonder pardon worden gekapt, in het kader van een of andere herindeling? Het is jammer dat Anne Frank niet op een bos uitkeek.
Ik ben ervan overtuigd dat iedereen van bomen kan houden. Dat klinkt misschien zweverig, soft, of onbenullig, maar dat is het niet. Ieder mens is namelijk gehecht aan alles wat leeft, simpelweg omdat de aarde net zo zeer uw baarmoeder is geweest als de spier in de onderbuik van uw moeder. U hoeft van mij geen bomen te gaan huggen. Die lelijke spar in uw tuin mag best om. Maar als uw hart net zoals het mijne wordt geraakt door de schoonheid die de lente in de natuur heeft doen ontluiken, dan zou u wellicht eens kunnen proberen om een boom net een beetje meer als een mens te behandelen. Want het zijn net mensen, die bomen.
U kunt een steentje bijdragen aan het behoud van onze bomen door het kappen te melden op deze website: http://vroegevogels.vara.nl/Kappen.274.0.html.
En kijk ook eens hier: http://www.bomenstichting.nl/index.asp.